Alle artikelen met het onderwerp:

peer

Al eerder gaf ik u een recept voor een hartige cake met olijven en ham, vandaag volgt er een variatie met de heerlijke combinatie van peer en schapenkaas.
Als schapenkaas kunt u een pecorino kiezen, maar een goede, gerijpte Hollandse schapenkaas is net zo lekker.
Ook gaat er ham in, daarvoor kunt u gekookte ham gebruiken of rauwe ham, deze laatste is ook verrukkelijk.
Kiest u deze rauwe ham, snijdt hem dan in dunne reepjes.
Een hartige cake is zo gemakkelijk als u een borrelhapje zoekt voor een groot aantal gasten, je kunt er zo lekker van uitdelen.
Ook kunt u een dun plakje cake samen met een lekkere witlofsalade als voorgerecht serveren.

hartig

Hartige cake met peer en schapenkaas

INGREDIENTEN
  • 2 rijpe, maar stevige handperen
  • 150 gram gerijpte schapenkaas
  • 100 gram dik gesneden rauwe of gekookte ham
  • 3 grote eieren
  • 1 deciliter (schapen)yoghurt
  • 1 deciliter slagroom
  • 1 eetlepel olijfolie
  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • 0,5 theelepel bakpoeder
  • zout, peper
BEREIDING

Schil de peren, verwijder het klokhuis en snijd de peren in blokjes.
Snijd 125 gram kaas in blokjes en rasp de overige 25 gram.
Snijd de ham in reepjes.
Klop de eieren los met de yoghurt, slagroom en olijfolie.
Roer het bakmeel en het bakpoeder erdoor tot een glad beslag ontstaat en breng dit voorzichtig op smaak met zout en peper.
Roer de peren, blokjes kaas en ham door het beslag en schep dit mengsel in een ingevette cakevorm van 1-1,5 liter inhoud.
Strooi de geraspte kaas over de cake en bak hem in 35-50 minuten goudgeel en gaar in het midden van een voorverwarmde oven op 180°C.
De cake is gaar als een in de cake gestoken prikker er schoon uitkomt.
Laat de cake even in de vorm afkoelen en serveer hem lauwwarm of op kamertemperatuur.

Voor 12-15 plakken/circa 72 stukjes

In de wintermaanden rest ons als fruit van eigen bodem alleen appels en peren.
En laten dat nu net de twee vruchten zijn waar u dit lekkere dessert mee kunt maken.
Als voorbereiding voor de gratin worden de plakjes appel en peer even in een mengsel van boter en suiker gebakken.
Daarvoor heeft u een grote koekenpan nodig en zelfs dan moet het waarschijnlijk nog in twee keer gebeuren.
Dit kunt u van tevoren doen, het hele gerecht kan eventueel van tevoren worden gemaakt, omdat het op kamertemperatuur geserveerd ook lekker is.

zoet

Appel-perengratin

INGREDIENTEN
  • 3 appels
  • 3 kleine, stevige peren
  • het sap van 1 kleine citroen
  • 40 gram roomboter
  • 75 gram fijne tafelsuiker
  • 2 eieren
  • 1 eidooier
  • 2 deciliter slagroom
  • 2-3 eetlepels geschaafde amandelen
BEREIDING

Verwijder van de appels en peren het klokhuis met een appelboor, schil de vruchten en snijd ze in plakjes.
Meng de vruchten direct met het citroensap, waardoor ze zo min mogelijk verkleuren.
Smelt de boter in een wijde koekenpan, voeg 40 gram suiker toe en roer deze goed door de boter.
Bak de plakjes appel en peer aan elke kant circa 2 minuten in het boter-suikermengsel, doe dit eventueel in gedeelten.
Leg de plakjes fruit na het bakken dakpansgewijs in een ingevette (ronde) ovenschaal, dit kan in meerdere lagen.
Klop de eieren los met de eidooier en de slagroom en voeg 35 gram suiker toe.
Schenk dit mengsel over de vruchten en strooi de amandelen erover.
Bak de gratin 15-25 minuten in een voorverwarmde oven op 210°C.
Serveer de gratin lauwwarm of op kamertemperatuur.

Voor 4 personen

Stoofpeertjes zijn er nog, daar wil ik graag van profiteren en daarom ga ik aan de slag met een flinke hoeveelheid.
Omdat ze heel lang moeten stoven maak ik een flinke pan vol en vries daarvan een deel in.
Dat gaat goed, de peertjes blijven goed van smaak en behouden ook hun structuur.
Ik gebruik het liefst de bekendste stoofpeer, de Gieser Wildeman, deze kleurt rood als je ze zo’n twee tot drie uur stooft in een vloeistof die net tegen de kook aangehouden wordt.
Dat lange stoven is niet altijd nodig, na circa één uur zijn de peertjes al mooi zacht en lekker van smaak, maar stoofpeertjes worden nu eenmaal altijd rood geserveerd.
Om ze een handje te helpen bij het rood kleuren, kunt u een deel van het water vervangen door rode wijn of port.
Ikzelf vindt het geen probleem als ze niet echt rood worden, de smaak is er niet minder om. 
Stoofpeertjes worden altijd geschild en in zijn geheel of in stukken gesneden gestoofd.
Bij hele peertjes is het decoratief om de steeltjes eraan te laten.
Een kaneelstokje en reep citroenschil, maar ook een steranijs zorgen voor een extra kruidige smaak.
Bij wild, bij kip en eend en bij stoofgerechten zoals hachee zijn stoofpeertjes verrukkelijk, maar samen met een lepeltje lobbig geklopte slagroom vind ik ze ook erg lekker als nagerecht.

bijgerechten

Stoofpeertjes

INGREDIENTEN
  • 2 kilo kleine stoofpeertjes, bij voorkeur Gieser Wildeman
  • eventueel 3 deciliter port
    of rode wijn
  • 60-80 gram kristalsuiker
  • 2 kaneelstokjes
  • dun afgesneden schil van
    1 citroen
  • 1 steranijs
BEREIDING

Schil de peertjes dun en laat de steeltjes eraan.
Zet de peertjes naast elkaar in een wijde pan met de steeltjes naar boven.
Schenk zoveel water (en eventueel de port) in de pan tot de peertjes net onderstaan, voeg de suiker toe samen met de kaneelstokjes, citroenschil en steranijs.  
Breng alles tegen de kook aan en laat de peertjes op deze manier 1 tot 3 uur zachtjes garen in een bijna gesloten pan (er mag een heel klein kiertje open staan) tot ze mooi rood zijn.  
Laat ze in het vocht afkoelen.
Neem de peertjes voor serveren uit het vocht en laat de overgebleven vloeistof iets inkoken en vervolgens weer afkoelen.
Serveer de vloeistof over de peertjes. 

Voor circa 10 personen

Een frisse groene salade is altijd een zeer welkom voorgerecht tijdens een wat uitgebreider diner en ook geschikt voor gasten die geen vlees en vis eten.
Knisperende groene blaadjes, krokante noten, het frisse zoet van verse vruchten als vijgen, rijpe peren of druiven en pittige pecorino; een heerlijke combinatie.
Als groene blaadjes kunt u verschillende saladesoorten gebruiken: kropsla, frisée,- en eikenbladsla, maar ook waterkers, rucola, veldsla of jonge spinazieblaadjes.
De dressing kunt u van tevoren maken en de slablaadjes vast wassen en droog slingeren. Daarna is het alleen nog een kwestie van mengen en dat moet op het allerlaatste moment.

voorgerechten

Salade met vruchten, noten en pecorino

INGREDIENTEN
  • 150-200 gram slablaadjes (waterkers, rucola, veldsla, spinazie, kropsla, frisée,- of eikenbladsla)
  • 20 basilicumblaadjes
  • 2 rijpe, maar stevige peren of 200-250 gram blauwe druiven
  • 75 gram hazelnoten of walnoten
  • 75 gram pecorino
  • 2 eetlepels citroensap
  • 1 theelepel grove mosterd
  • 4-6 eetlepels olijfolie
  • 3-4 eetlepels fijngesneden platte peterselie
  • zout, peper
BEREIDING

Meng de verschillende slablaadjes en de basilicum.
Schil de peren, verwijder het klokhuis en snijd de peren in dunne plakjes.
Als u druiven gebruikt, halveer deze dan en verwijder de pitjes.
Rooster de noten even in een droge koekenpan op zacht vuur, laat ze afkoelen en hak ze grof.
Schaaf dunne plakjes van de pecorino.
Roer een dressing van citroensap, mosterd, olijfolie en peterselie en breng op smaak met zout en peper.
Meng het slamengsel luchtig met de peren of druiven en de pecorino en schep de dressing er voorzichtig door.

 

Voor circa 6 personen

Peren zijn al eens voorbij gekomen als crumble, maar deze lekkere wintervrucht leent zich voor veel meer gerechten.
Perensleetjes zien er prachtig uit, alsof ze zo bij de banketbakker vandaan komen en lekker dat ze zijn….
En toch zijn ze heel gemakkelijk te maken.
Kant-en-klaar bladerdeeg is de basis, daarbij komen lekkere handperen, wat honing en suiker en een snufje gemalen kaneel.

zoet

Perensleetjes

INGREDIENTEN
  • 3 plakjes diepvriesbladerdeeg
  • 3 rijpe, maar stevige handperen
  • 2 eetlepels honing
  • 2 eetlepels kristalsuiker
  • snufje gemalen kaneel
  • eventueel poedersuiker
BEREIDING

Laat de plakjes deeg ontdooien, rol elk plakje deeg iets uit en halveer ze.
Leg ze even in de koelkast.  
Schil de peren, halveer ze en verwijder het klokhuis.
Snijd steeds een gehalveerde peren in heel dunne plakken en leg deze plakken tegen elkaar op een stukje deeg, zodat het net lijkt of er een halve peer op ligt. 
Steek het steeltje eventueel in het deeg, zodat het uitsteekt, dit kan natuurlijk slechts bij drie taartjes of 'leen' nog drie steeltjes van andere peren.  
Snijd het deeg rondom de peer weg maar laat daarbij een deegrand van circa 1 centimeter zitten. Nu zijn er peervormige taartjes ontstaan.
Bestrijk de peer en het deeg dun met honing en bak de taartjes 20-25 minuten in het midden van een voorverwarmde oven op 200°C.
Meng de suiker met de kaneel en bestrooi de deegranden van de taartjes na circa 10 minuten baktijd met de kaneelsuiker, zodat het deeg licht karameliseert tijdens het bakken.
Bestrijk de warme peren uit de oven eventueel nog met wat honing zodat ze mooi gaan glanzen, of bestrooi ze heel dun met poedersuiker.

Voor 6 stuks

Het wordt weer eens tijd voor een dessert en dan denk ik in deze tijd van het jaar aan peren, deze vruchten laten zich graag in desserts verwerken. 
Het lekkere van een crumble vind ik de combinatie van het zachte fruit met het krokante deeglaagje, bovendien is het een dessert dat heel gemakkelijk in een grotere hoeveelheid kan worden gemaakt en dat maakt het heel geschikt voor een etentje met veel gasten. 
Gemalen amandelen of amandelpoeder zag ik laatst bij de natuurvoedingswinkel.
U kunt het eventueel zelf maken door amandelen zo fijn mogelijk te malen in de keukenmachine, let op dat u niet té lang maalt want dan scheidt de olie zich af. Zelf malen geeft een grover resultaat dan kant-en-klaar gekocht amandelpoeder, maar dat is niet erg.
Kaneel geeft dit toetje een warme, beetje ouderwetse smaak, maar u kunt dit specerij ook achterwege laten of vervangen door enkele gekneusde anijszaadjes.

zoet

Crumble met peren

INGREDIENTEN
  • 6 rijpe, maar wel stevige handperen
  • 20 gram roomboter
  • 25 gram grof gehakte of geschaafde amandelen
  • mespunt gemalen kaneel of 0,5 theelepel gekneusde anijszaadjes
  • 1 theelepel lichte basterdsuiker
  • voor de kruimellaag:
  • 100 gram bloem
  • 50 gram lichte basterdsuiker
  • 50 gram gemalen amandelen
  • 100 g koude roomboter, in klontjes
BEREIDING

Schil de peren, verwijder het klokhuis en snijd de peren in blokjes van 2 x 2 centimeter.
Smelt de boter, schep de peren erdoor en verwarm ze circa 2 minuten. Roer de amandelen erdoor met de kaneel of de anijszaadjes en de suiker en schep het mengsel in een met boter ingevette ovenschaal.
Kruimellaag: meng de bloem, suiker en gemalen amandelen in een kom. Voeg de klontjes koude boter toe en meng deze met de vingertoppen door het bloemmengsel tot het mengsel op broodkruim lijkt.
(Dit kan eventueel ook in de keukenmachine: doe bloem, suiker en amandelen in de kom van de machine, meng even en voeg dan de klontjes boter toe. Verkruimel deze met behulp van de pulsknop door het bloemmengsel tot het op broodkruim lijkt.)
Verdeel het kruimeldeeg gelijkmatig over de peren en bak de crumble 25-30 minuten in het midden van een voorverwarmde oven op 190ºC tot de kruimellaag goudgeel is.
Serveer de crumble warm of lauwwarm.

Voor circa 6 personen