Een rijke saus op basis van roomboter, eidooiers en een geurig, ingekookte mengsel dat castric wordt genoemd.
En castric maak je in dit geval van witte wijn, witte wijnazijn, sjalotjes, laurier en peperkorrels, dat na inkoken in een heel geurige vloeistof veranderd.
Hollandaisesaus moet op heel zacht vuur, of in een kom boven een pan heet water worden bereid, omdat de saus niet te heet mag worden. Zou dit wel gebeuren, dan schiften de eidooiers en ontstaat er een soort roerei.
Voorzichtigheid is dus geboden.
Het is ook een saus die je spaarzaam gebruikt omdat het zeer calorierijk is, maar af en toe mag je hiervan genieten.
De saus is heerlijk bij asperges of bij gepocheerde of gestoomde vis.
bijgerechten
Hollandaisesaus
- 2 deciliter droge witte wijn
- 0,5 deciliter witte wijnazijn
- 50 gram fijngesneden sjalotjes
- 1 blaadjes laurier
- 5 gekneusde peperkorrels
- 3 eidooiers
- 150 gram gesmolten roomboter
- zout, peper
Breng de wijn met de wijnazijn, 0,5 deciliter water, de fijngesneden sjalot, het blaadje laurier en de peperkorrels aan de kook en kook het mengsel in tot er 1 deciliter over is. Zeef de castric.
Klop de eidooiers met de castric luchtig op heel zacht vuur of in een kom boven een pan heet water, zorg dat het mengsel niet warmer wordt dan 70°C.
Roer er, onder voortdurend kloppen, de gesmolten boter door en zorg ook hierbij dat het mengsel niet te warm wordt, dan kan het alsnog gaan schiften.
Breng op smaak met zout en peper.
Serveer de saus lauwwarm of op kamertemperatuur.
Voor 4-6 personen