Alle artikelen met het onderwerp:

vanille

Als het niet het seizoen is voor vers rood fruit, eet ik regelmatig ananas.
Je kunt er heerlijke desserts mee maken en omdat de vrucht zo stevig is kun je hem ook bakken. Dit toetje is heerlijk met een bolletje ijs.
Het is belangrijk dat je een ananas goed schilt, alle bruine ‘oogjes’ moeten verwijderd worden.
Er wordt gezegd dat deze stekelige ‘oogjes’ een ontsteking kunnen veroorzaken, of dat waar is weet ik niet, maar ze zijn in elk geval niet prettig om te eten.
Agavesiroop is te koop bij de natuurvoedingswinkel, hoewel sommige supermarkten het inmiddels ook verkopen.

zoet

Ananas, gebakken

INGREDIENTEN
  • 1 middelgrote ananas
  • het merg uit 1 vanillestokje
  • 4 eetlepels agavesiroop of honing
  • 40-50 gram roomboter
BEREIDING

Schil de ananas en snijd hem in de lengte in vieren.
Verwijder de stugge kern die in het midden zit en snijd vervolgens de ananas in partjes van circa 1,5 centimeter dik. 
Roer het vanillemerg door de agavesiroop of de honing en strijk dit mengsel dun over de partjes ananas. 
Bak de partjes ananas 5-6 minuten in de boter op middelhoog vuur, keer ze regelmatig. 
Serveer ze warm of lauwwarm met een bolletje ijs of wat lobbig geklopte slagroom of crème fraîche.

Voor circa 4 personen

Om het recept van de warme vruchten helemaal compleet te maken geef ik u ook mijn favoriete vanille-ijs recept.
Hoewel er goed vanille-ijs te koop is, blijft het leuk om zelf ijs te maken en dit is natuurlijk het allerlekkerst.
Begin in elk geval één dag van tevoren, omdat het gebonden melk-eidooiermengsel een nacht in de koelkast moet staan, zodat het ijskoud wordt en de smaken goed kunnen intrekken.
Een ijsmachine geeft het mooiste resultaat omdat het ijs al draaiende bevriest en daardoor een mooie fluwelige structuur krijgt. Zonder ijsmachine kunt u het mengsel in een koelkastdoos bevriezen en tijdens het bevriezen enkele keren doorroeren.

zoet

Vanille-ijs

INGREDIENTEN
  • 1 vanillestokje
  • 5 deciliter volle melk
  • 4 eidooiers
  • 125 gram kristalsuiker
BEREIDING

Halveer het vanille-stokje in de lengte en schraap het merg eruit.
Breng de melk in een pan aan de kook met het vanillemerg en het stokje.
Klop de eidooiers samen met de suiker heel luchtig en bijna wit, dit gaat het beste met een handmixer.
Schenk de hete melk in een klein straaltje bij de eidooiers en roer goed. 
Schenk nu het mengsel terug in de nog warme pan en zet deze op heel laag vuur.
Roer met een houten lepel of spatel voorzichtig door het melk-eidooiermengsel, terwijl het heel zacht wordt verwarmd.
Het mengsel zal gaan binden, u kunt dit binden als volgt controleren: neem een beetje van het mengsel op de achterkant van de houten lepel en trek er met uw vinger een streep door. Als die streep niet direct weer vol vloeit, maar zichtbaar blijft, is de binding goed.
Zet de pan in een laagje koud water en laat het ijsmengsel al roerende afkoelen.
Verwijder het vanillestokje en schenk het mengsel in een kom.
Bewaar het, goed afgedekt, minstens 6 uur, maar liever 1 nacht in de koelkast.
Draai het de volgende dag tot ijs of bevries het in 6-8 uur in de diepvries.
Roer het mengsel, als u het in de diepvries bevriest, tijdens het bevriezen enkele keren door.

Voor circa 6 personen

Dit dessert is zo heerlijk winters met de warme vruchten en die geurige vanillesmaak.
Ik vind de vruchten het lekkerst als ze vers bereid zijn en direct daarna geserveerd worden.
Dat lukt ook wel tijdens het diner, want het bereiden kost niet veel tijd en alles kan vast worden klaargezet.
Maar wilt u het liever van tevoren wilt bereiden, verwarm het gerecht dan op heel zacht vuur en schep het heel voorzichtig om, zodat de vruchten niet stuk gaan.
Hier worden vrijwel allemaal wintervruchten gebruikt, voor de kleur, maar ook voor de frisse smaak kunt u rood fruit toevoegen hoewel het daarvoor natuurlijk niet het seizoen is.
Diepvriesvruchten voldoen ook heel goed, laat ze voorzichtig ontdooien en op kamertemperatuur komen, zodat ze niet te koud zijn als ze de pan ingaan.
Serveer er een bolletje vanille-ijs bij, dat contrast van warm en koud is verrukkelijk.

zoet

Warme vruchten met vanille-ijs

INGREDIENTEN
  • 2 sinaasappels
  • 2 appels
  • 2 peren
  • 2 kaki’s (sharonfruit)
  • 1 mango
  • 2 kiwi’s 
  • 0,5 ananas
  • 200 gram rood fruit (aardbeien en/of frambozen, diepvries)
  • 1 flink vanillestokje
  • 60 gram roomboter
  • 60-80 gram kristalsuiker
  • 3-5 eetlepels honing
  • 2 deciliter witte wijn
  • vanille-ijs (zie recept, of kant-en-klaar) 
BEREIDING

Schil de sinaasappels dik, zodat ook het witte deel van de schil wordt verwijderd.
Snijd de partjes vruchtvlees tussen de vliesjes uit en vang het sap op.
Maak ook de andere vruchten schoon en snijd ze in partjes of in stukken van circa 3 centimeter.
Laat de vruchten uit de diepvries voorzichtig ontdooien en dep ze droog met keukenpapier.
Snijd het vanillestokje in de lengte open en schraap het vanillemerg eruit.
Smelt de boter in een grote ovenvaste koekenpan en voeg de suiker, het vanillemerg en het vanillestokje toe. 
Wacht even tot de suiker heel licht gaat karameliseren. 
Voeg dan eerst de appel toe en bak deze circa 1 minuut op zacht vuur, leg er daarna de peer bij en de kaki en bak nogmaals circa 1 minuut. 
Voeg nu de honing toe en daarna de sinaasappel met opgevangen sap, de mango, kiwi en ananas.
Laat de vruchten nog heel even bakken en zet de pan dan 4 minuten in een voorverwarmde oven op 175°C.
Haal daarna de pan uit de oven en schenk de witte wijn over de vruchten.
Voeg het rode fruit toe, schep alles even om en serveer direct met een bolletje zelf gemaakt (zie recept) of kant-en-klaar vanille-ijs. 

Voor 6-8 personen

In Frankrijk koop je tijdens de zomermaanden vruchten zoals nectarines, perziken en abrikozen per plateau; niet per stuk of per kilo, maar gewoon een heel plateau.
En die plateau’s zijn heel voordelig geprijsd, zodat je ze niet kunt weerstaan en allerlei recepten moet bedenken om het fruit op te maken.
Nu geloof ik dat vrijwel elke Française jam maakt, of likeur en siroop, of de vruchten inlegt op alcohol…. ik hoor niet anders om me heen.
Mooie gebruiken en zo kunnen ze ook tijdens de wintermaanden genieten.
Maar ik ga voor de clafoutis met perziken deze keer, een heerlijk dessert waar je royaal van kunt uitdelen.
Zet de clafoutis vooral niet te lang in de oven, het beslag moet nét gestold zijn.
Te lang gebakken clafoutis gaat op ‘stopverf’ lijken, zoals een vriend eens fijntjes opmerkte.

zoet

Perzikenclafoutis

INGREDIENTEN
  • 6 mooie, rijpe perziken
  • 125 gram bloem
  • 80-100 gram poedersuiker
  • het merg uit 0,5 vanillestokjes
    of 1 zakje vanillesuiker
  • 4 grote eieren
  • 2 deciliter volle melk
  • 1,5 deciliter slagroom
  • 1 theelepel geraspte gemberwortel
    of 2 eetlepels fijngesneden stemgember (op siroop ingelegde gember)
  • snufje zout
BEREIDING

Verwijder eventueel het schilletje van de perziken, maar dit is niet perse noodzakelijk.
Soms gaat dat verwijderen gemakkelijk met de punt van een klein mesje.
Zit het velletje stevig vast, dompel de perziken dan 10 seconden in heet water, daarna gaat het verwijderen van het velletje meestal zonder problemen.
Snijd de perziken in partjes van circa 1,5 centimeter dik.
Doe de bloem, poedersuiker en vanillemerg of vanillesuiker in een kom.
Voeg de eieren toe en roer ze door het bloemenmengsel.
Voeg dan de melk en de slagroom in een dun straaltje toe en klop goed tot er een glad beslag ontstaat.
Voeg nu de gemberwortel of de gember op siroop toe als u daar van houdt en een klein snufje zout en schenk het beslag in een ingevette ovenschaal die zo groot is dat de partjes perzik er in één laag in kunnen liggen.
Leg de perziken, een beetje dakpansgewijs in het beslag en bak de clafoutis 25-45 minuten in het midden van een voorverwarmde oven op 175°C tot het beslag nét is gestold.
Serveer hem lauwwarm of op kamertemperatuur en bestrooi hem voor serveren eventueel met een vleugje poedersuiker. 

Voor circa 8 personen

Aardbeitompouces maak je met krokant gebakken bladerdeeg, volle kwark en slagroom en natuurlijk rijpe aardbeien.
Voor het bakken worden de plakjes deeg met een beetje honing bestreken, die honing karameliseert in de oven en dat levert extra krokante deegplakjes op.
Naast aardbeien is ook ander rood zomerfruit erg lekker, kersen of frambozen bijvoorbeeld.
Eenmaal opgebouwd, moeten de tompouces zo snel mogelijk worden gegeten.
Wel kunt u de plakjes deeg vast van te voren bakken en ze na afkoelen in een goed gesloten trommel bewaren.
Ook de roomvulling kan vast bereid worden en tot gebruik in de koelkast worden bewaard.

zoet

Aardbeitompouces

INGREDIENTEN
  • 10 plakjes diepvries-roomboterbladerdeeg, ontdooid
  • 3-4 eetlepels honing
  • 1,5 deciliter slagroom
  • 350 gram volle kwark (40%)
  • 30-60 gram poedersuiker
  • het merg uit 1 vanillestokje
  • 300-400 gram kleine, rijpe aardbeien
BEREIDING

Halveer elk plakje deeg, er zijn nu 20 plakjes van 10 x 5 centimeter, en leg ze op een ingevette de bakplaat.
Prik het deeg met een vork regelmatig in.
Bestrijk het deeg dun met honing en leg eventueel een rooster op de deegplakjes om te voorkomen dat ze tijdens het bakken gaan rijzen.
Bak de deegplakjes in 15-25 minuten goudgeel en krokant in het midden van een voorverwarmde oven op 200°C en laat ze op een rooster afkoelen.
Klop voor de vulling de slagroom stijf en meng deze met de kwark, poedersuiker en vanillemerg. Snijd de aardbeien in plakjes.
Beleg 10 deegplakjes met de helft van de roomvulling en verdeel daarover de aardbeien. Dek ze af met de rest van de vulling en vervolgens met een deegplakje, met de honingkant naar boven.
Strijk de zijkanten van de vulling mooi glad, of laat het lekker slordig.

Voor 10 stuks 

Variatie
U kunt de tompouces ook vullen met banketbakkersroom of met stijfgeklopte slagroom en stukjes fruit.

Nog geen idee wat u als toetje wilt serveren?
Voor deze last minute vanillesouffleetjes heeft u de ingrediënten misschien wel in huis.
En anders kan de vanille worden vervangen door een snufje gemalen kaneel.
Ik gebruik kleine éénpersoons potjes, maar u kunt ook een grote soufflé maken, verleng de oventijd dan met circa 5 minuten.
Een souffle maken is niet moeilijk als u de volgende regels in acht neemt:
* Garde en kom moeten helemaal vetvrij zijn, wrijf ze bijvoorbeeld in met citroensap, dat werkt ontvettend.
* Kies vormpjes met recht opstaande wanden, deze geleiden de soufflé mooi omhoog.
Bestrijk ze royaal met zachte boter en bestrooi ze met suiker. Draai de vormpjes rond zodat de suiker goed wordt verdeeld.
* Splits eidooier en eiwit voorzichtig, komt er dooier in het eiwit, dan krijgt u het beslist niet stijfgeklopt.
* Klop de eiwitten eerst heel luchtig, voeg dan in gedeelten de suiker toe en blijf doorkloppen tot ze stijf zijn.
* Spatel de eiwitten héél voorzichtig door het soufflémengsel, niet roeren, want dan verliest het eiwit een deel van het rijsvermogen!
* Staat de soufflé in de oven? Laat de ovendeur dan de eerste 20 minuten dicht om inzakken te voorkomen.
* Serveer de soufflé direct uit de oven, voordat hij gaat inzakken!

zoet

Souffleetjes met vanille

INGREDIENTEN
  • 110 gram fijne tafelsuiker
  • 40 gram boter
  • 40 gram bloem
  • het merg uit 1 vanillestokje
  • 3,5 deciliter volle melk
  • 4 grote eieren, dooier en eiwit gesplitst
  • zout
  • 1 theelepel geraspte citroenschil
  • poedersuiker
BEREIDING

Bestrooi 6 ingevette soufflévormpjes van 1,5-2 deciliter inhoud met 25 gram fijne tafelsuiker. Bedek ook de randen goed en schud de suiker daarna zoveel mogelijk uit de vormpjes.
Smelt de boter, voeg de bloem in één keer toe en laat deze 3 minuten zachtjes ‘garen’.
Voeg 40 gram fijne tafelsuiker, het vanillemerg en de melk in gedeelten toe en roer tot er een gladde saus ontstaat.
Laat deze enkele minuten afkoelen en roer er dan de eidooi­ers één voor één door.
Klop de eiwitten stijf met een snufje zout en voeg 45 gram fijne tafelsuiker in gedeelten toe.
Spatel de eiwitten en citroenrasp voorzichtig door het dooiermengsel.
Schep het meng­sel in de vormpjes (vul ze tot drie-vierde) en bak de souffleetjes 25-35 minuten in het midden van een voorverwarmde oven op 180°C.
Bestuif ze uit de oven eventueel dun met poedersuiker en serveer ze direct.

Voor 6 personen