Alle artikelen met het onderwerp:

zonder vis en vlees

24 juni, het is vandaag officieel de laatste dag dat er asperges worden gestoken.
Hierna krijgt de plant een rustperiode om er volgend jaar weer volop tegen aan te gaan.
Een goede reden om ze nog een keer te eten en deze keer gebakken.
Ik serveer dit gerecht graag bij dunne plakjes rauwe zalm of zeebaars.
In dat geval maak ik een dubbele hoeveelheid van de dressing, zodat er ook wat over de vis gedruppeld kan worden.

bijgerechten

Asperges, gebakken

INGREDIENTEN
  • 600 gram witte asperges van gemiddelde dikte
  • 4-5 eetlepels olijfolie
  • zout, peper
  • sap van 0,5 sinaasappel
  • sap van 1 limoen
  • 1 theelepel geraspte gemberwortel
  • flinterdunne reepjes schil van 0,5 sinaasappel
  • handje kleine basilicumblaadjes
  • handje kleine rucolablaadjes
  • (1 eetlepel (zwarte) sesamzaadjes)
BEREIDING

Schil de asperges goed en verwijder het houtige deel aan de onderkant.
Snijd de asperges in schuine stukjes van 3 centimeter.
Verwarm 2 eetlepels olijfolie in een wok of grote koekenpan en bak hierin de asperges in circa 10 minuten gaar.
Schep ze regelmatig om en laat ze niet bruin worden.
Breng ze op smaak met zout en peper.
Meng voor de dressing het sinaasappelsap met limoensap, 2-3 eetlepels olijfolie, gemberwortel en zout en peper naar smaak.
Leg de asperges op een schaal en strooi de reepjes sinaasappelschil, basilicum, rucola en eventueel de sesamzaadjes erover.
Druppel als laatste de dressing erover.

Voor 4 personen

Enkele kilometers bij mij vandaan ligt een biologische moestuin waarvan de eigenaar zelf zaait en poot, maar het oogsten voor het grootste deel liever aan zijn klanten overlaat.
In een klein hokje bij zijn land liggen, naast een weegschaal en geldblikje, ook enkele messen en lege kratjes waarmee je de tuin in kunt stappen.
Zo snijd je je eigen snijbiet en sla, pluk je zelf erwtjes en bonen en ‘trek’ je bietjes en meiknolletjes.
Een leuke bezigheid, zo ben je nog meer betrokken bij deze superverse groenten.
Nu zijn er maanden dat er nauwelijks iets in de tuin staat, zoals de wintermaanden, maar in deze voorjaar-zomerperiode is de tuin rijk gevuld.
Ik heb al menig krop sla geoogst en ook de snijbiet heeft al vaak op het menu gestaan.
Die snijbietblaadjes zijn nu nog lekker klein en mals, heerlijk.
Ook de meiknolletjes worden grif getrokken, zo vers van het land geven ze die lekkere ‘mosterd-ervaring’, die scherpte die zo naar je neus trekt.
Ze zijn heerlijk om rauw te eten en ik serveer ze graag met een saus van hazelnoten.

bijgerechten

Meiknolletjes met hazelnootsaus

INGREDIENTEN
  • circa 600 gram kleine meiknolletjes
  • 2 eetlepels vers citroensap
  • 8 eetlepels olijfolie
  • 4 eetlepels fijngesneden bladpeterselie
  • zout, peper
  • 100 gram ongezouten hazelnoten
  • 2 theelepels fijngesneden verse munt
  • 1 theelepel geraspte citroenschil
BEREIDING

Schil de meiknolletjes en snijd ze in dunne plakjes.
Meng 1,5 eetlepel citroensap met 2 eetlepels olijfolie en 2 eetlepels peterselie, breng dit op smaak met zout en peper.
Schep de meiknolletjes door deze dressing en leg de plakjes, mooi uitgespreid, op een groot bord.
Hak de hazelnoten niet te fijn in een keukenmachine, er mogen nog wel brokjes noot zichtbaar zijn. Meng de hazelnoten met 2 eetlepels peterselie, de munt, citroenschil, 0,5 eetlepel citroensap en 6 eetlepels olijfolie.
Verdun de saus met 3 eetlepels water en breng hem op smaak met zout en peper.
Schenk de saus over de meiknolletjes en serveer direct.
Dit is erg lekker als bijgerecht, maar kan ook als voorgerecht worden geserveerd.

Voor 4 personen

Bloemkool is een populaire groente, dat was het altijd al, want al jaren staat hij hoog in de top tien van meest gegeten groente in Nederland.
Maar op dit moment is deze fraaie witte kool zelfs ‘trendy’ en ook in restaurants zie je de groente vaker op het bord; vaak fijn gesneden als een soort ‘couscous’.
Of geroosterd, ook een geliefde nieuwe techniek.
Vroeger, bij mijn ouderlijk huis, aten we bloemkool onder een dekentje witte saus, ik herinner me dat ik dit een lekker gerecht vond.
Heel soms maak ik bloemkool nog wel eens op onderstaande manier, gegratineerd met een kaassaus.
Het is een lekker ouderwets gerecht, waarbij het heel belangrijk is dat de bloemkool nog ‘beet’ heeft en vooral niet te gaar is.

bijgerechten

Bloemkoolgratin

INGREDIENTEN
  • 1 bloemkool
  • zout, peper
  • 5 deciliter volle melk
  • 1 ui
  • 4 kruidnagels
  • 1 blaadje laurier
  • 30 gram boter
  • 25 gram bloem
  • 2 theelepels grove mosterd
  • 150 gram geraspte Comté
    of belegen boerenkaas
BEREIDING

Verdeel de bloemkool in roosjes en kook de groente slechts 1-2 minuten in ruim kokend water met zout.
Laat de groente uitlekken.
Breng de melk aan de kook met de in vieren gesneden ui, de kruidnagels en het blaadje laurier, laat dit van het vuur af 20 minuten trekken en zeef het daarna. Verwarm de boter, roer de bloem erdoor en verwarm dit 2 minuten.
Roer de melk erdoor tot een gladde saus ontstaat en laat de saus 2 minuten zachtjes koken.
Roer er de mosterd door en 75 gram kaas en breng op smaak met zout en peper.
Leg de bloemkoolroosjes in een ingevette ovenschaal, schenk de saus erover en bestrooi met 75 gram kaas.
Gratineer het gerecht 15-20 minuten in een voorverwarmde oven op 210ºC.

Voor 4 personen

Tijdens de presentatie van ‘Een nieuwe kijk op eten’, het boek waar ik twee dagen geleden aandacht aan besteedde, werd deze lekkere spaghetti geserveerd, waarvan het recept ook in het boek staat.
Ik vind het een verrassend gerecht, vanwege de combinatie pasta en avocado.
Het is echt een lekker gerecht, maar je moet er op letten dat de avocado’s wel rijp, maar niet té zacht zijn, anders krijg je een ‘papperig’ resultaat.

hoofdgerechten

Spaghetti met avocado en citroen

foto (2)
INGREDIENTEN
  • 300-400 gram spaghetti (volkoren of gewone)
  • zout, peper
  • 4 eetlepels uitgelekte kappertjes
  • 1 teentje knoflook
  • 2 rijpe, maar nog stevige avocado’s
  • olijfolie
  • de geraspte schil van 2 kleine citroenen
  • flinke handvol kleine basilicumblaadjes
  • 4 eetlepels fijngesneden platte peterselie
  • sap van 0,5-1 kleine citroen
BEREIDING

Kook de spaghetti in ruim kokend water met zout beetgaar volgens de gebruiksaanwijzing op de verpakking.
Hak de uitgelekte kappertjes grof en snijd het teentje knoflook in flinterdunne plakjes.
Snijd het vruchtvlees van de avocado’s in blokjes.
Verhit een scheutje olijfolie op zacht vuur in een wijde koekenpan en bak hierin de kappertjes en knoflook 3-4 minuten.
Neem de pan van het vuur en voeg de citroenrasp toe.
Voeg ook de blokjes avocado en kruiden toe en schep alles om.
Neem een kop kookwater uit de pastapan, giet de pasta af en doe hem dan samen met het achtergehouden kookwater en een flinke scheut olijfolie in de koekenpan.
Breng op smaak met zout, peper en citroensap en schep voorzichtig alles door elkaar. Serveer direct.

Voor 4 personen

Voor cannelloni gebruik ik het liefst lasagnevellen, die kun je na het voorkoken gemakkelijker vullen.
Als voorgerecht is twee rolletjes per persoon voldoende, maar je kunt dit makkelijk uitbreiden tot een hoofdgerecht, dan is dit recept voor drie personen.
De geitenkaas kun je vervangen door geraspte jonge boerenkaas, zet de rolletjes dan iets langer in de oven, zodat de kaas kan smelten.
In dit laatste geval heb je aan circa 150 gram geraspte kaas voldoende.

voorgerechten

Cannelloni met geitenkaas en knolselderij

INGREDIENTEN
  • 12 lasagnevellen
  • zout, peper
  • 2 sjalotjes
  • 400 gram knolselderij
  • 250-300 gram verse geitenkaas
  • 40 gram roomboter
  • 2 theelepels fijngesneden rozemarijn
  • 2 eetlepels fijngesneden platte peterselie
  • 50 gram gepelde walnoten
  • 2-3 eetlepels walnootolie
  • 30-50 gram dun geschaafde pecorino
BEREIDING

Kook de lasagnevellen volgens de gebruiksaanwijzing op de verpakking beetgaar in ruim kokend water met zout.
Laat ze op een schone doek uitlekken, zorg dat ze elkaar niet raken.
Snijd de sjalotjes fijn, snijd de knolselderij in blokjes en verkruimel de geitenkaas.
Bak de sjalotjes 5-6 minuten op zacht vuur in 15 gram boter.
Kook de blokjes knolselderij beetgaar in 5-7 minuten in kokend water met zout.
Meng de selderij met de geitenkaas, sjalotjes, 1 eetlepel rozemarijn, peterselie en zout en peper naar smaak.
Leg op elk lasagnevel een flinke schep van deze vulling en rol dit losjes op.
Leg de rolletjes op een met bakpapier beklede bakplaat met de naad naar beneden en verwarm ze 5-10 minuten in een voorverwarmde oven op 150°C.
Smelt 25 gram boter en verwarm daarin 1 eetlepel rozemarijn.
Hak de walnoten grof en voeg ze toe aan de rozemarijnboter, samen met de walnootolie.
Verwarm alles goed en schenk de geurige walnoot-rozemarijnboter over de cannelloni.
Bestrooi met pecorino.

Voor 4-6 personen

Misschien is het wat ongewoon om een ‘broodje’ als voorgerecht te serveren, maar in Italië heb ik vaak verrukkelijke bruschetta gegeten als eerste gang, soms heel royaal belegd en soms heel pover met alleen knoflook, zeezout en de lekkerste olijfolie.
Deze versie met venkel, uien en olijven is heel gemakkelijk te maken en het grote voordeel is dat je het beleg van tevoren kunt bereiden, voor serveren hoef je het alleen nog even zacht te verwarmen en het brood te roosteren.
Serveer het met een toef salade, heerlijk fris en het ziet er ook direct leuk uit.
Als groene blaadjes kun je rucola, waterkers of winterpostelein gebruiken of wat malse slablaadjes en maak deze aan met een beetje vinaigrette (zie recept avocado met vinaigrette).
Er kan ook nog een plak rauwe ham of mortadella op, maar dan is het geen vegetarisch gerechtje meer.

voorgerechten

Bruschetta met venkel, ui en olijven

INGREDIENTEN
  • 2 middelgrote uien
  • 2 flinke venkelknollen
  • 1 eetlepel olijfolie
  • 15 gram roomboter
  • 4 eetlepels groentebouillon
  • 10 zwarte olijven, ontpit
  • zout en peper
  • 4 grote plakken ambachtelijk brood van circa 1 centimeter dik
BEREIDING

Halveer de gepelde uien en snijd ze in dunne halve ringen, snijd de venkel in reepjes.
Verhit de olie met de boter en bak hierin de uien met de venkel 40-50 minuten op zacht vuur.
Roer regelmatig, de groenten mogen goudbruin kleuren, maar let op dat ze niet verbranden.
Voeg de bouillon toe en de in plakjes gesneden olijven en verwarm nog even tot het vocht verdampt is.
Breng op smaak met zout en peper.
Rooster de plakjes brood en serveer het venkelmengsel erop.
Lekker met een toef salade, zoals hierboven beschreven.

Voor 4 personen