Alle artikelen met het onderwerp:

zonder vis en vlees

Dit is geen kaassoufflé zoals je bij de snackbar ziet, maar een luchtig gerezen gerecht.
Een heerlijk hoofdgerecht voor de vis- en vleesloze eter of een voorgerecht.
Het is een spectaculair gezicht als een soufflé uit de oven komt; hoog boven de vorm uit gerezen.
Een soufflé dankt zijn luchtigheid aan stijfgeklopte eiwitten die heel voorzichtig door het eidooiermengsel worden geschept.
Deze handeling is heel belangrijk want als u de eiwitten stevig door de soufflé zou roeren, verliezen ze een deel van hun rijsvermogen.
De eiwitten mogen geen spoortje eidooier (vet) bevatten voordat ze worden stijfgeklopt, anders lukt dit stijfkloppen niet. Scheidt de eieren daarom voorzichtig en let er tevens op dat alle gebruiksvoorwerpen als garde en kom ook goed vetvrij zijn.
De vorm waarin een soufflé wordt gebakken heeft vrij hoge, recht opstaande randen en moet met boter worden ingevet. Gebruik hiervoor geen gesmolten boter, dan rijst de soufflé niet mooi omhoog langs de randen.
En deze luchtige dame kan niet tegen tocht, als zij in de oven staat mag de deur pas na 20 minuten geopend worden om een kijkje te nemen. Doe dit dan heel voorzichtig, want zodra de soufflé met tocht in aanraking komt zakt zij in.
Daarom ook is het belangrijk dat de gasten aan tafel zitten als u de soufflé binnen brengt, want een soufflé die te lang moet wachten, zakt ook in.
Er is een oud gezegde: ‘de gasten moeten op de soufflé wachten en niet de soufflé op de gasten’.

hoofdgerechten

Kaassoufflé

INGREDIENTEN
  • 30 gram roomboter
  • 30 gram bloem
  • 2,5 deciliter hete melk
  • 4 grote eidooiers
  • zout, peper
  • snufje gemalen nootmuskaat.
  • 5 grote eiwitten
  • 90 gram geraspte kaas (gruyère, belegen Goudse of Parmezaanse kaas)
BEREIDING

Verwarm de oven voor op 200°C.
Verwarm de boter in een steelpan, roer de bloem erdoor en warm deze even mee.
Schenk, van het vuur af, in één keer de hete melk erbij en roer met een garde tot een gladde saus.
Laat de saus op zacht vuur 1 minuut koken.
Roer vervolgens van het vuur af de eidooiers er één voor één door en breng de saus op smaak met zout, peper en eventueel een snufje nootmuskaat.
Klop de eiwitten stijf met een snufje zout, roer een vierde deel van het eiwit door het eidooiermengsel, roer ook de kaas erdoor (houdt 1 eetlepel achter) en spatel of schep dan de rest van de eiwitten heel voorzichtig door het kaasmengsel.
Schep het soufflémengsel in een met boter ingevette souffléschaal van 8-9 deciliter inhoud (16-18 centimeter doorsnede), strijk de bovenkant glad en strooi de achtergehouden kaas erover.
Zet de soufflé in het midden van de oven, schakel de oven direct terug naar 190°C en bak de soufflé 25-30 minuten tot hij goudgeel en mooi gerezen is.

Voor 4-6 personen

Lekkere, met geitenkaas en kruiden gevulde filodeegpakketjes zijn ook geschikt voor diegenen die geen vis en vlees eten.
Samen met een groentesalade is dit een hoofdgerecht, maar een kleiner portie kan ook als voorgerecht worden gegeten.
Het lichte filodeeg bevat geen vet, daarom wordt het zo knisperend tijdens het bakken.  
U vindt filodeeg in de diepvries, de meeste supermarkten hebben het en anders kunt u terecht bij Turkse en Marokkaanse winkels.
Het deeg is kwetsbaar, ontdooi het voorzichtig en vries het gedeelte dat u niet gebruikt onmiddellijk weer in. De ontdooide plakjes drogen heel snel uit, bewaar ze zo lang mogelijk onder een vochtige doek.
Omdat het deeg zo kwetsbaar is en snel kan scheuren, gebruik ik per pakketje twee plakjes deeg die ik op elkaar leg. 
Filodeeg wordt, voordat het de oven ingaat, altijd met een vetstof bestreken, bijvoorbeeld olijfolie of gesmolten boter.
Dit bestrijken kunt u ook al doen voordat u de plakjes op elkaar legt, dat geeft extra veel smaak.

hoofdgerechten

Geitenkaaspakketjes

INGREDIENTEN
  • 50-60 gram roomboter
  • 300-350 gram verse geitenkaas
  • 2 theelepel fijngesneden tijmblaadjes
  • 1,5 theelepel fijngesneden rozemarijnnaaldjes
  • vers gemalen peper
  • 24 plakjes filodeeg van circa 6 x 6 centimeter
BEREIDING

Smelt de boter op zacht vuur.
Prak de geitenkaas fijn en roer er de tijm, rozemarijn en wat vers gemalen peper door.
Bestrijk de plakjes filodeeg heel dun met gesmolten boter en leg steeds 2 plakjes op elkaar. Verdeel nu het geitenkaasmengsel over de deeghoopjes.
Vouw de pakketjes als een driehoek dicht en druk de randen goed op elkaar of vouw ze een beetje dubbel, zodat de pakketjes goed zijn afgesloten.
Bestrijk de driehoekjes dun met boter en bak ze, op een met bakpapier beklede bakplaat, in 15-25 minuten goudgeel en krokant in het midden van een voorverwarmde oven op 180ºC.
Serveer ze direct uit de oven met een salade van roodlof en witlof (zie recept voorgerechten/salades).
Geef drie pakketjes per persoon als hoofdgerecht en twee als voorgerecht.

Voor 4 personen

Een frisse groene salade is altijd een zeer welkom voorgerecht tijdens een wat uitgebreider diner en ook geschikt voor gasten die geen vlees en vis eten.
Knisperende groene blaadjes, krokante noten, het frisse zoet van verse vruchten als vijgen, rijpe peren of druiven en pittige pecorino; een heerlijke combinatie.
Als groene blaadjes kunt u verschillende saladesoorten gebruiken: kropsla, frisée,- en eikenbladsla, maar ook waterkers, rucola, veldsla of jonge spinazieblaadjes.
De dressing kunt u van tevoren maken en de slablaadjes vast wassen en droog slingeren. Daarna is het alleen nog een kwestie van mengen en dat moet op het allerlaatste moment.

voorgerechten

Salade met vruchten, noten en pecorino

INGREDIENTEN
  • 150-200 gram slablaadjes (waterkers, rucola, veldsla, spinazie, kropsla, frisée,- of eikenbladsla)
  • 20 basilicumblaadjes
  • 2 rijpe, maar stevige peren of 200-250 gram blauwe druiven
  • 75 gram hazelnoten of walnoten
  • 75 gram pecorino
  • 2 eetlepels citroensap
  • 1 theelepel grove mosterd
  • 4-6 eetlepels olijfolie
  • 3-4 eetlepels fijngesneden platte peterselie
  • zout, peper
BEREIDING

Meng de verschillende slablaadjes en de basilicum.
Schil de peren, verwijder het klokhuis en snijd de peren in dunne plakjes.
Als u druiven gebruikt, halveer deze dan en verwijder de pitjes.
Rooster de noten even in een droge koekenpan op zacht vuur, laat ze afkoelen en hak ze grof.
Schaaf dunne plakjes van de pecorino.
Roer een dressing van citroensap, mosterd, olijfolie en peterselie en breng op smaak met zout en peper.
Meng het slamengsel luchtig met de peren of druiven en de pecorino en schep de dressing er voorzichtig door.

 

Voor circa 6 personen

Als kind was ik al niet dol op rode kool, maar dit gerecht heeft me een beetje over de streep getrokken vanwege de pikante, kruidige smaak.
Ik serveer het graag bij hachee of bij ander stoofvlees.
De appel kunt u vervangen door 50 gram rozijnen of gedroogde cranberries, maar voeg beide wel iets eerder toe aan de rode kool, zodat ze wat langer kunnen meewarmen.

bijgerechten

Rode kool met appel en rozemarijn

INGREDIENTEN
  • 1 rode ui
  • 1 rode peper
  • 500 gram rode kool
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 30 gram roomboter
  • 1 theelepel fijngesneden rozemarijn
  • zout
  • het sap en de geraspte schil van 2 sinaasappelen
  • 1 grote appel
  • 2-3 eetlepels fijngesneden kruiden (platte peterselie en koriander)
  • citroensap
BEREIDING

Snijd de ui en rode peper fijn en schaaf de rode kool zo dun mogelijk
Verhit de olie samen met de boter en bak hierin de ui 4-5 minuten, voeg de chilipeper en rozemarijn toe en bak beide 2 minuten mee.
Schep de kool erdoor met wat zout en voeg dan de geraspte sinaasappelschil en het sap toe.
Dek de pan af en laat de kool op zacht vuur 10-12 minuten stoven, de kool zal nu beetgaar zijn.
Wilt u de kool liever iets gaarder, laat hem dan wat langer stoven.
Controleer regelmatig of er nog voldoende vocht aanwezig is in de pan, voeg anders een scheutje water toe.
Schil de appel en snijd hem in stukjes, roer de appel circa 6 minuten voor het einde van de bereidingstijd door de kool.
Roer van het vuur af de peterselie en koriander erdoor en breng op smaak met citroensap en wat zout.

Voor circa 4 personen

Roodlof is een kruising tussen witlof en radicchio, het heeft een zachte, iets zoete smaak smaak en ziet er net zo uit als witlof, alleen zijn de blaadjes paarsrood in plaats van wit-ecru. De combinatie met witlof is heerlijk en de kleuren zijn prachtig.
In plaats van roodlof kunt u ook radicchio gebruiken maar dan verandert de smaak, want radicchio is, net als witlof, iets bitter.
Radicchio behoort ook tot de witloffamilie, het ziet eruit als een rond klein kropje met paarsrode bladeren en witte nerven. De knapperige stevige bladeren zitten strak op elkaar in de krop, net als bij icebergsla.
Radicchio zie je vaak in kant-en-klaar verpakte salades.
Dit lekkere voor- of bijgerecht kunt u nog aanvullen met reepjes blauwschimmelkaas, zoals roquefort of met reepjes Gruyère.

voorgerechten

Salade met roodlof en witlof

INGREDIENTEN
  • 4-5 struikjes witlof
  • 4-5 struikjes roodlof
  • 1 groene appel, ongeschild
  • 50 gram gedopte hazelnoten of walnoten
  • 4 eetlepels volle Griekse yoghurt
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 1 theelepel mosterd
  • 1 eetlepel vers geperst sinaasappelsap
  • 3-4 eetlepels fijngesneden kruiden (bladselderij en bladpeterselie)
  • zout, peper
BEREIDING

Haal de blaadjes lof van de struikjes.
Snijd de appel in dunne reepjes en hak de noten grof.
Meng beide lofsoorten met de appel en de noten.
Meng voor de dressing de yoghurt met olijfolie, mosterd, sinaasappelsap, kruiden en wat zout en peper naar smaak.
Druppel de dressing over de salade.

Voor 4-6 personen

 

Variatie
Als u ervan houdt kunt u 75-100 gram in reepjes gesneden pittige blauwschimmelkaas zoals roquefort toevoegen.
De combinatie is klassiek en erg lekker.
Ook de rijke, nootachtige Gruyère gaat goed samen met lof.

Het is er echt weer voor, voor een goed gevulde linzensoep.
Dit is een heerlijk basisrecept waar goed mee te variëren valt. U kunt gebakken paddenstoelen toevoegen, krokant gebakken spekjes of gefrituurde uiringen.
Ga op zoek naar die kleine groene Le Puy linzen, die geven naar mijn gevoel de lekkerste soep. Ze zijn te koop bij natuurvoedingswinkels.
Linzen hoeven niet geweekt te worden voor het koken, dat scheelt behoorlijk wat tijd. Maar het is wel belangrijk dat u ze van te voren goed nakijkt, er kunnen kleine steentjes tussen zitten en het is heel vervelend als zo’n steentje tijdens het eten van de soep tussen je kiezen terecht komt.
Ik doe de linzen altijd in een wijde schaal en kijk dan goed naar dingen die er niet in horen, terwijl ik de schaal regelmatig heen en weer schud.

hoofdgerechten

Linzensoep

INGREDIENTEN
  • 4 sjalotjes
  • 2 worteltjes
  • 2 stengels bleekselderij
  • 1-2 eetlepels olijfolie
  • 350 gram groene linzen
  • 1,5 liter groentebouillon
  • 2 blaadjes laurier
  • 5 eetlepels slagroom
  • zout, peper
  • 3-4 eetlepels fijngesneden platte peterselie
BEREIDING

Snijd de sjalotjes fijn, snijd de worteltjes in blokjes en de bleekselderij in plakjes.
Bak de sjalot, wortel en bleekselderij circa 6 minuten in 1-2 eetlepels olie.
Spoel de linzen even onder de stromende kraan, laat ze uitlekken en voeg ze toe aan het groentemengsel samen met de bouillon en laurierblaadjes en breng aan de kook.
Laat de soep op zacht vuur 25-35 minuten koken tot de linzen beetgaar zijn.
Voeg de slagroom toe en breng op smaak met zout, peper en peterselie.

Voor 4-6 personen