Alle artikelen met het onderwerp:

knoflook

Een lekker groot stuk vlees, genoeg voor circa 8 personen, of om meerdere dagen van te eten, want afgekoeld kunt u deze rosbief dun gesneden als carpaccio serveren.
Het is ideaal om voor de bereiding een vleesthermometer te gebruiken, zo kan het vlees niet te gaar worden.
Steek de thermometer in het midden van het dikste deel van het vlees en braad het vlees tot de vleesthermometer 48-49°C aangeeft, het vlees gaart immers nog 2-3 graden door tijdens het rusten.
De mierikswortelroom is een extraatje, het smaakt heel lekker bij rosbief.

hoofdgerechten

Rosbief uit de oven

INGREDIENTEN
  • 3 teentjes knoflook
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 1 kilo rosbief aan één stuk, het liefst overal even dik
  • zout, peper
  • 1 eetlepel fijngesneden rozemarijnnaaldjes
  • 10-20 dunne, lange plakjes pancetta of ontbijtspek 
  • 1 ui
  • 1 kleine wortel
  • 1 stengel bleekselderij
  • 5 eetlepels gezeefde tomaten
  • 1,5 deciliter rode wijn
  • 1 blaadje laurier
  • 2-2,5 deciliter runderbouillon
  • (aardappelzetmeel)
BEREIDING

Pers de teentjes knoflook, meng ze met de olie en bestrijk hiermee het vlees.
Bestrooi het vlees daarna met zout, peper en rozemarijn.
Leg de plakjes pancetta dakpansgewijs op de rosbief, laat ze iets overhangen, zodat ze om de rosbief gevouwen kunnen worden.
Bind de rosbief op met keukentouw, verpak hem stevig in plasticfolie en leg hem 30 minuten in de koelkast.
Snijd intussen de ui, wortel en bleekselderij heel fijn.
Laat de rosbief op kamertemperatuur komen, leg hem in een braadslede en braad hem 30-35 minuten in een voorverwarmde oven op 230ºC tot hij rosé is, of tot de vleesthermometer 48 tot 49°C aangeeft.
Laat het vlees uit de oven 10-15 minuten rusten op een warme plek.
Roer de ui, wortel en bleekselderij door het achtergebleven braadvet in de braadslede en bak de groenten circa 6 minuten op stevig vuur.
Voeg de tomaten toe en verwarm nog 1 minuut. Roer de wijn erdoor, voeg het laurierblad en de bouillon toe en laat de saus op hoog vuur 5-6 minuten inkoken.
Breng op smaak met zout en peper en zeef de saus.
Bind de saus eventueel met een klein beetje aardappelzetmeel.
Serveer het vlees in dunne plakken gesneden met de saus en eventueel pittige mierikswortelroom.

Mierikswortelroom
Meng 3 eetlepels geraspte mierikswortel (vers of uit een potje) met 6 eetlepels crème fraîche, 1 theelepel (Dijon)mosterd, 1-2 eetlepels fijngesneden bieslook en zout naar smaak.

Voor 6-8 personen

Deze week kreeg in de Treeswijkhoeve in Waalre bij het aperitief een heerlijke dip van artisjokken en direct waande ik me in Frankrijk waar ik in het late voorjaar, als er bergen artisjokken op de markt liggen, ook vaak een artisjokkendip maak.
Verse artisjokken zijn er nu nog niet of nauwelijks, maar zo’n dip kan ook gemaakt worden met artisjokharten uit blik.
Ik spoel deze wel altijd enkele keren in ruim koud water, zodat het ‘blikachtige’ smaakje verdwijnt. Daarna laat ik ze heel goed uitlekken en dep ze droog.
Vervolgens gaat alles in de magimix, net zoals ik met de gegaarde verse artisjokken doe.
Als smaakmakers kies ik meestal knoflook, een beetje citroen- of limoensap en natuurlijk zout en peper. Maar u kunt ook een snufje fijngesneden tijmblaadjes toevoegen.
Dit is een lekkere dip op heel dun geroosterd (stok)brood of een lekkere cracker.
Ook op die dunne Indiase pappadums smaakt dit heerlijk.

hartig

Artisjokkendip

INGREDIENTEN
  • 1 blik artisjokharten à 4 deciliter
  • 1-2 teentjes knoflook
  • 2-4 eetlepels olijfolie
  • beetje citroen- of limoensap
  • zout, peper
BEREIDING

Laat de artisjokken goed uitlekken, spoel ze enkele keren in ruim koud water en laat ze vervolgens weer heel goed uitlekken. Dep ze droog en snijd ze in stukken.
Pel de teentjes knoflook en snijd ze in grove stukken.
Doe de artisjokken en knoflook in de keukenmachine en pureer beide.
Voeg tijdens het pureren de olijfolie toe tot het een smeuïg mengsel wordt.
Breng dit op smaak met citroensap en zout en peper.
Lekker op dun gesneden en krokant geroosterd brood of op pappadums.
Bewaar de dip maximaal 1 week in de koelkast.

Omdat Pasen voor de deur staat besteed ik deze week extra aandacht aan gerechten met ei, deze zijn bovendien ook heel geschikt voor een dagje zonder vis en vlees.
Ik begin met sambal goreng telor, een Indonesisch gerechtje met ei dat samen met rijst en een sajoer van groente een lekkere maaltijd is.
Sambal goreng telor is ook vaak onderdeel van een rijsttafel.
Ik heb het eens met kwarteleitjes gemaakt en deze als borrelhapje geserveerd….heel verrassend en lekker.
Kemirienoten zijn verkrijgbaar bij de toko, qua smaak zijn ze belangrijk in dit gerecht.
Bewaar de noten die u overhoudt in de koelkast, of liever nog in de diepvries, ze worden snel ranzig.
Ook de galangawortel is te koop bij de toko, evenals de goela djawa.
Goela djawa wordt vaak palmsuiker genoemd, maar het is geen zuivere palmsuiker er wordt ook rietsuiker aan toegevoegd.

hoofdgerechten

Eieren in kokossaus; Sambal goreng telor

INGREDIENTEN
  • 4-6 eieren 
  • 3 sjalotjes
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 rode pepers of 1,5 theelepel sambal oelek
  • 2 cm galangawortel (laos)
  • 3 kemirienoten
  • 1 stengel citroengras (sereh)
  • 2 eetlepels zonnebloemolie
  • 0,5 theelepel garnalenpasta (trassi)
  • 0,5 theelepel tamarindepasta
  • 0,5-1 theelepel goela djawa
  • 1,25-2 deciliter kokosmelk
  • zout
BEREIDING

Kook de eieren hard in 7-8 minuten.
Snijd de sjalotjes en knoflook fijn. Snijd ook de rode pepers fijn, verwijder eventueel eerst de zaadjes als u het gerecht wat milder wilt.
Schil de galangawortel en snijd deze fijn.
Hak de kemirienoten fijn en kneus de stengel citroengras. Dit gaat het gemakkelijkst als u er met een groot mes of met een steelpan op slaat.
Verhit de olie in een wok of braadpan en bak hierin de sjalot, knoflook, rode peper, galangawortel, kemirienoten en garnalenpasta circa 8 minuten op zacht vuur.
Voeg citroengras, tamarindepasta, goela djawa, kokosmelk en wat zout toe en laat de saus op zacht vuur circa 10 minuten koken.
Pel de eieren en verwarm ze 3 minuten in de saus. 
Halveer de eieren en leg ze terug in de saus.
Lekker met rijst en een groentegerecht.  

Voor 4 personen

Een recept voor geroosterde aardappelen staat al op de site, vandaag maak ik daarop een frisse variatie met ingelegde citroen en komijn.
Die ingelegde citroenen zijn verkrijgbaar, in potten, bij Marokkaanse of Turkse winkels of op de markt, de olijvenkraam heeft ze ook vaak en daar kunt u ze per stuk kopen.
Maar zelf maken kan ook, ik zal u daarvan een dezer dagen  het recept geven.
Zowel de schil als het vruchtvlees van de citroen kan gegeten worden.

bijgerechten

Aardappelen, geroosterd met citroen en komijn

INGREDIENTEN
  • 1 kilo middelgrote vastkokende aardappelen
  • 1-2 ingelegde, kleine citroenen
  • 2 teentjes knoflook
  • 3-4 eetlepels olijfolie
  • 1 theelepel komijnzaadjes
  • grof gemalen zeezout
  • vers gemalen zwarte peper
  • 5 blaadjes laurier
BEREIDING

Schil de aardappelen, was ze onder de stromende kraan en wrijf ze direct droog.
Snijd elke aardappel in de lengte in 4-6 partjes.
Snijd de citroenen in dunne partjes en pers de teentjes knoflook.
Leg de aardappelen en citroenen in een ovenschaal.
Meng de olie met de knoflook, komijn en wat zout en peper en schep dit door de aardappelen en citroenen, meng alles goed.
Leg de laurierblaadjes ertussen en bak de aardappelen circa 30 minuten in een voorverwarmde oven op 220°C.
Schep ze halverwege de baktijd een keer om.

Voor 4-6 personen

Nog een recept met die super gezonde boerenkool.
De Italianen hebben hun eigen variant, de Cavalo Nero en deze kool komt qua smaak en structuur wel iets overeen met boerenkool.
Pasta met cavalo nero is een geliefd Italiaans wintergerecht en waarom proberen we dat ook niet eens met boerenkool.
Het resultaat is heerlijk.

hoofdgerechten

Pasta met boerenkool

INGREDIENTEN
  • circa 800 gram boerenkool aan de struik
  • zout, peper
  • 60 gram pancetta of mager ontbijtspek
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 eetlepels olijfolie
  • snufje gedroogde chilivlokken
  • 1,5 deciliter slagroom
  • circa 300 gram kleine pasta, bijvoorbeeld strikjes (farfalle) of schelpjes (conchiglie)
  • circa 100 gram Parmezaanse kaas, vers geraspt
BEREIDING

Snijd de boerenkoolbladeren van de stronk en verwijder ook de grove nerven uit de bladeren. Was de bladeren en snijd ze in reepjes.
Kook de kool in ruim kokend water met zout in 6-8 minuten bijna gaar, proef de kool regelmatig want zachte, kleine bladeren zijn sneller gaar dan de grotere. Die grotere bladeren moeten misschien nog iets langer. 
Laat de kool goed uitlekken en knijp eventueel nog het overtollige vocht eruit.
Snijd de pancetta in reepjes en snijd de knoflook fijn.
Verhit de olie en bak hierin de pancetta 3-5 minuten, bak de knoflook en chilivlokken 2 minuten mee.
Roer de goed uitgelekte en uitgeknepen boerenkool erdoor en breng het geheel op smaak met zout en peper.
Roerbak de boerenkool enkele minuten, voeg dan de slagroom toe en laat alles nog 5-7 minuten zachtjes sudderen tot de kool gaar is.
Kook intussen de pasta in ruim kokend water met zout volgens de gebruiksaanwijzing op de verpakking beetgaar, laat hem uitlekken (houd 1 deciliter kookvocht apart) en roer de pasta direct door de boerenkoolsaus.
Voeg eventueel een beetje pastakookvocht toe als het gerecht te dik is.
Strooi aan tafel de kaas erover.

Voor 4 personen

Lauwwarme bloemkoolsalade is een verrassend lekker bijgerecht waarvoor de bloemkool in de oven wordt geroosterd samen met pancetta; heerlijk gekruid Italiaans spek.
Pancetta is tegenwoordig goed verkrijgbaar, maar mocht het toch een probleem zijn om dit te vinden, dan voldoen heel dunne reepjes ontbijtspek ook.
Na het roosteren wordt de warme bloemkool gemengd met verschillende slablaadjes en een dressing, hiervoor kunt u saladesoorten kiezen die u het lekkerst vindt.
De salade is ook een smakelijk voorgerecht.

bijgerechten

Bloemkoolsalade, lauwwarme

INGREDIENTEN
  • 1 bloemkool
  • 125 gram dun gesneden pancetta of ontbijtspek
  • 6 eetlepels olijfolie
  • 2 ciabattabroodjes
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 eetlepel witte wijnazijn
  • 1 theelepel mosterd
  • 3-4 eetlepels fijngesneden platte peterselie
  • zout, peper
  • 100 gram gemengde slablaadjes naar keuze (bijvoorbeeld rucola, spinazie, waterkers, little gem, kropsla, rode sla)
BEREIDING

Verdeel de bloemkool in kleine roosjes.
Snijd de plakjes pancetta in reepjes en meng deze in een braadslede met de bloemkoolroosjes en 2 eetlepels olijfolie.
Rooster de bloemkool met pancetta circa 15 minuten in een voorverwarmde oven op 200°C.
Snijd of pluk de ciabattabroodjes in kleine stukjes.
Pers de teentjes knoflook en roer deze door 2 eetlepels olijfolie.
Meng de knoflookolie met de stukjes brood en schep dit vervolgens door het bloemkoolmengsel in de braadslede.
Rooster alles nog circa 10 minuten in de oven.
Roer een dressing van de azijn, mosterd, 2 eetlepels olijfolie, peterselie en zout en peper naar smaak.
Meng de inhoud uit de braadslede luchtig met de slablaadjes en de dressing.

Voor 4-6 personen