Alle artikelen met het onderwerp:

sjalot

Om het Indonesische eiergerecht sambal goreng telor van gisteren completer te maken en van groente te voorzien maak ik vandaag een sajoer, samen met rijst eet u dan een lekkere ieni-mini-rijsttafel.
Ik maak het deze keer met gemengde groenten, maar op dezelfde manier kunt u een sajoer maken van één soort groente, bijvoorbeeld alleen van kool of alleen sperzieboontjes.
Snijd de groenten in verschillende maten, zo dat ze tegelijkertijd gaar zijn, de groenten die een langere kooktijd nodig hebben, moeten dus iets kleiner gesneden worden.
Salam is een blad, het wordt ook wel Indonesisch laurier genoemd, u vindt het bij de toko, evenals de galangawortel en de goela djawa.

bijgerechten

Groenten in kokossaus; Sajoer Lodeh

INGREDIENTEN
  • 5 sjalotjes
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 rode peper
  • 1 theelepel garnalenpasta (trassi)
  • 0,5-1 theelepel goela djawa
  • 2 schijfjes galangawortel (laos) à 2 centimeter
  • 600 gram gemengde groenten (witte kool, sperziebonen, wortel, peultjes, broccoli)
  • 2 eetlepels zonnebloemolie
  • 3 blaadjes salam
  • 4-5 deciliter kokosmelk
  • zout
BEREIDING

Snijd de sjalotjes, knoflook en rode peper in grove stukken en maak deze samen met de garnalenpasta, en goela djawa fijn in een vijzel of keukenmachine.
Schil de galangawortel en snijd de groenten in reepjes.  
Verhit de olie in een wok of braadpan en bak hierin het sjalottenmengsel circa 5 minuten.
Voeg de salamblaadjes, galangawortel, kokosmelk, groenten en wat zout toe en laat het mengsel 4-8 minuten zachtjes koken tot de groenten gaar zijn.
Lekker met de eieren in kokossaus en rijst.  

Voor 4 personen

Omdat Pasen voor de deur staat besteed ik deze week extra aandacht aan gerechten met ei, deze zijn bovendien ook heel geschikt voor een dagje zonder vis en vlees.
Ik begin met sambal goreng telor, een Indonesisch gerechtje met ei dat samen met rijst en een sajoer van groente een lekkere maaltijd is.
Sambal goreng telor is ook vaak onderdeel van een rijsttafel.
Ik heb het eens met kwarteleitjes gemaakt en deze als borrelhapje geserveerd….heel verrassend en lekker.
Kemirienoten zijn verkrijgbaar bij de toko, qua smaak zijn ze belangrijk in dit gerecht.
Bewaar de noten die u overhoudt in de koelkast, of liever nog in de diepvries, ze worden snel ranzig.
Ook de galangawortel is te koop bij de toko, evenals de goela djawa.
Goela djawa wordt vaak palmsuiker genoemd, maar het is geen zuivere palmsuiker er wordt ook rietsuiker aan toegevoegd.

hoofdgerechten

Eieren in kokossaus; Sambal goreng telor

INGREDIENTEN
  • 4-6 eieren 
  • 3 sjalotjes
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 rode pepers of 1,5 theelepel sambal oelek
  • 2 cm galangawortel (laos)
  • 3 kemirienoten
  • 1 stengel citroengras (sereh)
  • 2 eetlepels zonnebloemolie
  • 0,5 theelepel garnalenpasta (trassi)
  • 0,5 theelepel tamarindepasta
  • 0,5-1 theelepel goela djawa
  • 1,25-2 deciliter kokosmelk
  • zout
BEREIDING

Kook de eieren hard in 7-8 minuten.
Snijd de sjalotjes en knoflook fijn. Snijd ook de rode pepers fijn, verwijder eventueel eerst de zaadjes als u het gerecht wat milder wilt.
Schil de galangawortel en snijd deze fijn.
Hak de kemirienoten fijn en kneus de stengel citroengras. Dit gaat het gemakkelijkst als u er met een groot mes of met een steelpan op slaat.
Verhit de olie in een wok of braadpan en bak hierin de sjalot, knoflook, rode peper, galangawortel, kemirienoten en garnalenpasta circa 8 minuten op zacht vuur.
Voeg citroengras, tamarindepasta, goela djawa, kokosmelk en wat zout toe en laat de saus op zacht vuur circa 10 minuten koken.
Pel de eieren en verwarm ze 3 minuten in de saus. 
Halveer de eieren en leg ze terug in de saus.
Lekker met rijst en een groentegerecht.  

Voor 4 personen

Bij de bereiding van een gehaktbrood ontstaat er geen jus of saus.
Ik vind dat geen bezwaar, want het vlees is mals en sappig genoeg, maar als u er wel  behoefte aan heeft is deze mosterdsaus met sjalotjes en kappertjes een goede keuze.
Deze saus past bij meerdere vleesgerechten, bij varkensvlees bijvoorbeeld zoals karbonades of een rollade of ribstuk.
De saus is lekker dun, maar als u hem wilt binden kan dit met beurre manié.
Beurre manié is een mengsel van gelijke delen bloem en roomboter dat in kleine vlokjes wordt toegevoegd aan de saus.
Het is heel handig om kleine hoeveelheden beurre manié in de diepvries te hebben liggen, zodat u, in geval van nood, snel een saus kunt binden.

bijgerechten

Mosterd-kappertjessaus

INGREDIENTEN
  • 3 sjalotjes of
    1 middelgrote ui
  • 25 gram roomboter
  • 1 deciliter droge witte wijn
  • 3 deciliter vlees- of kippenbouillon
  • 20-30 gram beurre manié
  • zout, peper
  • 1 eetlepel (Dijon)mosterd
  • 1-2 eetlepels kleine kappertjes
BEREIDING

Snijd de sjalotjes of de ui fijn en bak ze 4-6 minuten in de boter.
Schenk de wijn erbij en laat deze tot de helft inkoken.
Voeg de bouillon toe en laat de saus zachtjes inkoken tot hij aan de bolle kant van een houten lepel blijft hangen.
Bind de saus eventueel met enkele vlokjes beurre manié tot u de dikte goed vindt en laat de saus nog 1-2 minuten koken.
Zeef hem eventueel als u de sjalotjes wilt verwijderen, maar u kunt ze ook in de saus laten.
Breng de saus op smaak met zout, peper en mosterd en roer als laatste de kappertjes erdoor.

Voor 4-6 personen 

Beurre manié
Prak met een vork 15 gram bloem door 15 gram zachte roomboter.

Een gehaktbrood maak je niet te klein, een kilo vlees is het minimum, anders is de kans  groot dat het ‘brood’ te droog wordt.
Dit gerecht is voor circa 8 personen.
Als u met een kleiner gezelschap bent is dat geen probleem, want in dunne plakken gesneden smaakt dit gehaktbrood koud ook erg lekker en kan dan als broodbeleg of op toast of stokbrood worden geserveerd als crostini, met bijvoorbeeld een likje mosterd of chutney.
De plakjes bacon die halverwege de baktijd over het vlees worden gelegd zorgen ervoor dat het gehakt extra sappig blijft.
Als u een slager heeft die het gehakt zelf maalt, vraag hem dan of hij dit iets grover doet dan normaal, die rullere structuur vind ik iets lekkerder.

hoofdgerechten

Gehaktbrood

INGREDIENTEN
  • 3 sjalotjes of 1 ui
  • 25 gram roomboter
  • 1 teentje knoflook, geperst
  • 500 gram rundergehakt
  • 500 gram varkensgehakt
  • 2 kleine eieren
  • 1-2 theelepels gedroogde oregano
  • 3-4 eetlepels fijngesneden platte peterselie
  • snufje gemalen pimentbessen
  • 1 flinke theelepel mosterd
  • 1 theelepel gekneusde komijnzaadjes
  • 1 theelepel geraspte gemberwortel
  • gedroogd broodkruim of fijngemaakte crackers
  • zout, peper
  • circa 100 gram dun gesneden bacon (vleeswaar)
BEREIDING

Snijd de sjalotjes of de ui fijn en bak ze circa 10 minuten in de boter tot ze zacht zijn.
Voeg de knoflook toe en bak deze 1 minuut mee. Laat dit mengsel iets afkoelen.
Doe beide soorten gehakt in een kom en voeg de eieren, oregano, peterselie, piment, mosterd, komijn, gemberwortel en zoveel broodkruim toe tot een een smeuïg mengsel wordt en breng dit op smaak met zout en peper.
Vorm hiervan in een braadslede of op een bakplaat een langwerpig 'brood' van 6-8 centimeter hoog.
Bak het gehaktbrood 25-30 minuten in een voorverwarmde oven op 190°C.
Leg dan de plakjes bacon dakpansgewijs op de bovenkant en de zijkanten van het 'brood' en bak het nog circa 30 minuten.
Serveer het in plakken gesneden.

Voor circa 8 personen

Nogmaals een geurig gerecht waarin een currypasta verwerkt is, deze keer de groene.
Ook nu weer kunt u kiezen voor de huisgemaakt versie volgens het recept dat ik eerder gaf of voor een kant-en-klare versie.
Naast varkensvlees gaat er in dit gerecht ook broccoli, als u het bij de toko ziet, kies dan de Chinese broccoli, die heeft een andere vorm dan onze Hollandse. Het zijn lossere, langere kleine kropjes die u voor gebruik in dunne repen snijdt.
Het gerecht wordt bestrooid met pinda’s die, net als cashewnoten, een lekkere beet geven.
De brede rijstnoedels worden vlak voor serveren door het gerecht geschept.

hoofdgerechten

Varkensvlees met groene currypasta

INGREDIENTEN
  • circa 150 gram brede rijstnoedels
  • 400 gram varkensvlees (procureur of hamlappen)
  • 50 g gemberwortel
  • 3 sjalotten
  • 400 gram (Chinese) broccoli
  • 2 rode chilipepers
  • 4 lente-uitjes
  • 3-4 eetlepels zonnebloemolie
  • 2-3 eetlepels Thaise groene currypasta (zie recept of kies een kant-en-klare)
  • 2 eetlepels vissaus
  • 2 eetlepels donkere Thaise sojasaus
  • 2 theelepels tamarindepasta
  • 0.5-1 theelepel palmsuiker
  • zout, peper
  • 50 gram grof gehakte ongezouten pinda's
  • handjevol korianderblaadjes
BEREIDING

Week of kook de rijstnoedels beetgaar in heet water volgens de gebruiksaanwijzing op de verpakking.
Laat de noedels daarna goed uitlekken.
Snijd het vlees in reepjes.
Snijd de gemberwortel in dunne reepjes, de sjalotten in dunne ringen en de broccoli in roosjes of stukken.
Snijd de rode pepers en de lente-uitjes in dunne ringen.   
Verhit de olie in een wok en bak hierin de currypasta 4-5 minuten.
Bak het vlees circa 5 minuten mee en voeg dan de vissaus, sojasaus, tamarindepasta, palmsuiker, gemberwortel, sjalotten en (Chinese) broccoli toe en laat het mengsel op zacht vuur circa 10 minuten sudderen.
Voeg circa 5 eetlepels water toe en laat het mengsel nog 6-10 minuten stoven tot het vlees en de broccoli gaar zijn.
Schep de noedels erdoor, verwarm alles goed en breng het gerecht op smaak met zout en peper.
Bestrooi het gerecht voor serveren met de rode peper, lente-ui, pinda's en koriander. 

Voor 4 personen

Voor een geurige pompoensoep kun je verschillende soorten pompoen gebruiken. 
Ik  maak deze soep graag met een flespompoen, die vaal oranje-beige langwerpige met smaakvol oranje vruchtvlees. 
Eerst rooster ik de pompoen in de oven, omdat dit extra veel smaak geeft.
Het kost even wat tijd, maar dat roosteren kan ook al een dag eerder gedaan worden.
Een snufje vadouvan (zie ‘en ook nog/ingrediënt’) of kerrie past goed bij pompoen, dat moet echt wel een snufje zijn, anders gaat het specerijenmengsel overheersen.

voorgerechten

Pompoensoep

INGREDIENTEN
  • 1 middelgrote flespompoen
  • 4 sjalotjes of 2 kleine uien
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 2 teentjes knoflook
  • snufje fijngewreven vadouvan of kerriepoeder
  • 2 takjes rozemarijn
  • 2 blaadjes laurier
  • 8 deciliter-1 liter groentebouillon
  • zout, peper
  • 4 lente-uitjes
  • 2-3 eetlepels fijngesneden koriander of platte peterselie
BEREIDING

Prik de pompoen enkele keren in met een houten prikker, leg de pompoen op een rooster in een braadslede en rooster hem circa 1 uur in een voorverwarmde oven op 190°C.
Laat de pompoen iets afkoelen en halveer hem, zodra u hem kunt vasthouden.
Schep met een dessertlepel de zaden en draden uit de pompoen en verwijder daarna de schil, die kan er nu zo afgetrokken worden. 
Snijd de pompoen in stukjes.
Snijd de sjalotjes of uien fijn en bak ze circa 10 minuten in de hete olie.
Pers de knoflook en voeg deze toe aan de sjalotjes, voeg ook de vadouvan, rozemarijn en laurier toe en verwarm alles al omscheppend heel even op zacht vuur.
Schep de stukjes pompoen erdoor en voeg vervolgens de bouillon toe.
Breng alles aan de kook en laat de soep 15-20 minuten zachtjes koken.
Verwijder rozemarijn en laurier en pureer de soep met een staafmixer.
Breng hem op smaak met zout en peper.
Snijd de lente-uitjes in flinterdunne ringen en voeg ze, samen met de koriander, vlak voor serveren toe aan de soep. 

Voor 4-6 personen