Alle artikelen met het onderwerp:

ui

Misschien is het wat ongewoon om een ‘broodje’ als voorgerecht te serveren, maar in Italië heb ik vaak verrukkelijke bruschetta gegeten als eerste gang, soms heel royaal belegd en soms heel pover met alleen knoflook, zeezout en de lekkerste olijfolie.
Deze versie met venkel, uien en olijven is heel gemakkelijk te maken en het grote voordeel is dat je het beleg van tevoren kunt bereiden, voor serveren hoef je het alleen nog even zacht te verwarmen en het brood te roosteren.
Serveer het met een toef salade, heerlijk fris en het ziet er ook direct leuk uit.
Als groene blaadjes kun je rucola, waterkers of winterpostelein gebruiken of wat malse slablaadjes en maak deze aan met een beetje vinaigrette (zie recept avocado met vinaigrette).
Er kan ook nog een plak rauwe ham of mortadella op, maar dan is het geen vegetarisch gerechtje meer.

voorgerechten

Bruschetta met venkel, ui en olijven

INGREDIENTEN
  • 2 middelgrote uien
  • 2 flinke venkelknollen
  • 1 eetlepel olijfolie
  • 15 gram roomboter
  • 4 eetlepels groentebouillon
  • 10 zwarte olijven, ontpit
  • zout en peper
  • 4 grote plakken ambachtelijk brood van circa 1 centimeter dik
BEREIDING

Halveer de gepelde uien en snijd ze in dunne halve ringen, snijd de venkel in reepjes.
Verhit de olie met de boter en bak hierin de uien met de venkel 40-50 minuten op zacht vuur.
Roer regelmatig, de groenten mogen goudbruin kleuren, maar let op dat ze niet verbranden.
Voeg de bouillon toe en de in plakjes gesneden olijven en verwarm nog even tot het vocht verdampt is.
Breng op smaak met zout en peper.
Rooster de plakjes brood en serveer het venkelmengsel erop.
Lekker met een toef salade, zoals hierboven beschreven.

Voor 4 personen

Nu is het moment aangebroken om voor de winter een voorraad tomatensaus aan te leggen; er zijn heel veel tomaten verkrijgbaar, de prijs is laag én ze zijn in dit jaargetijde vaak goed rijp, ideaal voor een lekkere saus.
Nu weet ik ook wel dat je van tomaten uit blik tijdens de wintermaanden een goede saus kunt maken, maar er gaat toch niets boven smaakvolle verse tomaten.
En met kleine porties ingevroren tomatensaus maak je snel een lekkere pasta of een saus bij groenten, vlees of vis.
En vergeet ook tomatensoep niet, de saus wordt een lekkere soep als hij met bouillon wordt verdunt.
Ik ga hier uit van twee kilo verse tomaten, maar maak gerust twee tot drie keer zoveel of zelfs nog meer, het is de moeite waard.

bijgerechten

Tomatensaus

INGREDIENTEN
  • 4 kleine uien of 8 sjalotjes
  • 4 stengels bleekselderij
  • 2 kilo verse, rijpe tomaten
  • 6 stelen van platte peterselie
  • 3-4 eetlepels olijfolie
  • 2 eetlepels tomatenpuree
  • 8 takjes verse tijm
    of
    1 volle eetlepel gedroogde tijmblaadjes
  • 4 blaadjes laurier
  • zout, peper
BEREIDING

Snijd de uien of sjalotjes fijn evenals de bleekselderij.
Snijd de gewassen tomaten in stukjes, verwijder wel eerst het harde stukje bij de steelaanzet.
Snijd de peterseliestelen fijn.
Bak de ui of sjalot circa 7 minuten op zacht vuur in de hete olie.
Voeg de bleekselderij toe en de peterseliestelen en bak deze 4 minuten mee.
Roer er dan de tomatenpuree door en bak deze al roerende circa 2 minuten, zo wordt de tomatenpuree ontzuurd.
Schep er vervolgens de tomaten door en voeg de tijm en laurier toe.
Laat de saus op zacht vuur 40-50 minuten zachtjes pruttelen en schep alles af en toe om.
Leg tijdens het pruttelen een deksel op de pan, maar laat een kiertje open, zo kan de saus indikken.
Breng de saus op smaak met zout en peper en roer hem door een groentezeef of druk alles door een huishoudzeef, zo blijven de velletjes en kruidentakjes achter.
Laat de saus afkoelen en vries hem daarna in kleine porties in.
Verdun de saus, als deze erg dik is, voor gebruik met een scheutje water of bouillon.

Een dag of tien geleden was het weer zover, 21 juni werd het seizoen van de Opperdoezer Ronde officieel geopend.
Deze verrukkelijke vastkokende aardappel wordt alleen geteeld op de zavelgronden in en rondom het Noord-Hollandse dorp Opperdoes, vlak bij Medemblik.
De Opperdoezer Ronde heeft sinds 1996 een Beschermde Oorsprongsbenaming, een BOB, en dat betekent dat geen enkele andere aardappel onder deze naam op de markt gebracht mag worden.
Meer informatie over dit heerlijke product vindt u eerder op mijn website http://www.marliesbatelaan.nl/?s=opperdoes en op www.opperdoezerronde.nl.
Tijdens de officiële opening werden gerechtjes van tweesterrenkok Onno Kokmeijer van restaurant Ciel Bleu in hotel Okura te Amsterdam geserveerd en het recept voor onderstaande maaltijdsalade met Opperdoezer Ronde is van zijn hand.

hoofdgerechten

Aardappelsalade van Opperdoezer Ronde

INGREDIENTEN
  • 1 kilo Opperdoezer Ronde
  • 2 rode uien
  • 2 teentjes knoflook
  • 6 lente-uitjes
  • 200 gram katenspek, in plakken van 0,5 centimeter
  • 30 kappertjes
  • 2 eetlepels kappertjesvocht (uit het potje)
  • 4 eetlepels crème fraîche
  • 4 eetlepels mayonaise
  • 1 eetlepel gladde mosterd
  • 4 eetlepels fijngesneden bieslook
  • 1 eetlepel fijngesneden verse dragon
  • fijngemalen grof zeezout en peper naar smaak
BEREIDING

Kook de gewassen Opperdoezer Ronde in de schil in ruim kokend water met zout gaar in circa 20 minuten.
Laat de aardappelen tot lauwwarm afkoelen en snijd ze in vieren.
Snijd de rode uien en teentjes knoflook fijn, snijd de lente-uitjes in dunne ringen.
Snijd het katenspek in reepjes van 1 centimeter en bak ze op matig vuur tot ze goed uitgebakken zijn.
Voeg dan de rode ui en knoflook toe en bak deze 5 minuten mee.
Schep dit mengsel door de stukjes aardappel.
Meng vervolgens kappetjes, kappertjesvocht, lente-uitjes, crème fraîche, mayonaise, mosterd, bieslook en dragon en schep dit ook door de aardappelen.
Breng de salade op smaak met zout en peper en serveer direct, bij voorkeur als de salade nog lauwwarm is of op kamertemperatuur.

Voor 4 personen

De ui is niet direct een groente waaraan je denkt als bijgerecht, toch kun je er heel goed mee aan de slag.
Bij varkensvlees of lamsvlees bijvoorbeeld, maar ook bij wild en gevogelte smaakt een uiencompote verrukkelijk en deze kleine gekarameliseerde zoet-zure uitjes uit de oven zijn ook niet te versmaden.
Ze zijn ook erg lekker als onderdeel van een antipasti, die heerlijke Italiaanse voorgerechten.
Bovendien kun je ze al een dag eerder bereiden en heel voorzichtig verwarmen.
Als antipasti zijn ze het lekkerst op kamertemperatuur.
Ga op zoek naar kleine uitjes, ze hoeven niet piepklein te zijn, geen formaat zilveruitjes, maar ongeveer twee keer zo groot.
Kies, bij gebrek aan kleine uitjes, een kleine maat sjalotjes.

bijgerechten

Uitjes, zoet-zure

INGREDIENTEN
  • 750 gram kleine uitjes of sjalotjes
  • 50 gram roomboter
  • 1 eetlepel kristalsuiker
  • 3 eetlepels rode wijnazijn
  • zout, peper
  • 2 eetlepels pijnboompitten
  • 1 volle eetlepel gedroogde cranberries of rozijnen
BEREIDING

Snijd een stukjes van de onder- en bovenkant van de uitjes, maar doe dit niet te royaal, het is de bedoeling dat de uitjes tijdens het garen heel blijven en niet in stukken uiteen vallen. Verwijder de schilletjes.
Verhit de boter in een grote ovenvaste braadpan of stevige ovenschaal die groot genoeg is om de uitjes naast elkaar in te leggen.
Voeg, als de boter bruin begint te worden, de suiker en 2 eetlepels azijn toe.
Doe de uitjes in de pan, voeg wat zout en peper toe en schep alles goed om.
Bak de uitjes in open pan circa 20 minuten op heel zacht vuur, schep ze tussentijds slechts 1 keer om.
Voeg nu de pijnboompitten en cranberries toe en nog 1 eetlepel azijn, meng alles goed en zet de pan 40-45 minuten in een voorverwarmde oven op 140°C tot de uitjes mooi goudgeel gekarameliseerd zijn.
Schep ze tussentijds regelmatig om en houd goed in de gaten dat ze niet te donker worden, dan wordt de karamel bitter.
Serveer ze warm, maar niet heet.

Voor 4-6 personen

Dit is eigenlijk de Italiaanse versie van coq au vin, kip in rode wijn, waarin de kip plaats maakt voor een lekkere parelhoen.
Het is een ideaal gerecht voor meerdere gasten, desnoods neem je twee parelhoenders, omdat je het gemakkelijk van te voren kunt bereiden en voor serveren voorzichtig verwarmt.
Romige polenta of aardappelpuree past er goed bij en een groene groente als broccoli, groene kool of spruitjes.
Fervente kip-aanhangers kunnen de parelhoen vervangen door kip.

hoofdgerechten

Parelhoen in rode wijn

INGREDIENTEN
  • 1 flinke parelhoen
  • 100 gram pancetta
  • 250 gram kleine uitjes of sjalotjes
  • 200 gram kleine kastanjechampignons
  • 2-3 eetlepels olijfolie
  • zout, peper
  • 1 eetlepel bloem
  • 2 eetlepels rode wijnazijn
  • 1 fles Italiaanse rode wijn
  • 3 laurierblaadjes
  • 2 takjes tijm
  • 4 peterseliestelen
  • 4 eetlepels fijngesneden platte peterselie
BEREIDING

Vraag de poelier de parelhoen in circa 8 stukken te snijden of doe dit zelf.
Snijd de pancetta in reepjes.
Pel de uitjes en laat ze heel als ze heel klein zijn, halveer de grotere exemplaren.
Laat ook de schoongeborstelde paddenstoelen heel.
Verhit de olie in een grote braadpan en bak hierin de met zout en peper bestrooide stukken parelhoen rondom bruin op middelhoog vuur. Bak het vel lekker krokant.
Neem de stukken parelhoen uit de pan en bak de pancetta licht krokant in het achtergebleven braadvet.
Voeg de uitjes en paddenstoelen toe en bak ze circa 10 minuten mee.
Leg dan de parelhoen weer in de pan en bestrooi het geheel met de bloem.
Schep alles goed om en schenk de azijn erover.
Kook dit 1 minuut en schenk dan de wijn erbij, de wijn moet op kamertemperatuur. Voeg de laurier, tijm en peterseliestelen toe en eventueel nog een beetje water, de parelhoendelen moeten voor de helft onderstaan.
Stoof het gerecht circa 1 uur op zacht vuur tot de parelhoen gaar is en van het bot valt.
Doe dit met het deksel op een kiertje, zodat tijdens het stoven ongeveer de helft van het vocht kan verdampen en de saus mooi dieprood is.
Breng de saus op smaak met zout en peper en strooi de peterselie erover.
Serveer de parelhoen met de pancetta, uitjes en paddenstoelen en de saus.

Voor 4-6 personen

Al eerder gaf ik een linzensoep met die kleine groene le Puylinzen.
Vandaag gebruik ik rode linzen, of oranje, want de linzen zijn misschien meer oranje van kleur dan rood.
Deze rode linzen vallen tijdens het koken uiteen, daardoor ontstaat er een lekkere gebonden soep, die u als compleet gerecht kunt serveren.
Het snufje garam masala of kerriepoeder past goed bij deze linzen, samen met de koriander geeft het de soep een oosters tintje.
Als u ervan houdt kunt u enkele gefrituurde uiringen in de soep leggen, een heerlijke toevoeging, maar zonder uiringen is de soep ook al erg lekker.

hoofdgerechten

Soep van rode linzen

INGREDIENTEN
  • 1 middelgrote ui
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 wortel
  • 1 rode peper
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 0,5-1 theelepel garam masala of kerriepoeder
  • 1,25-1,5 liter groentebouillon
  • 300 gram rode linzen
  • zout, peper
  • 3-4 eetlepels fijngesneden koriander
  • 1 grote ui
  • enkele eetlepels gezeefde rijstebloem
  • arachideolie om te frituren
BEREIDING

Snijd de ui, knoflook, wortel en rode peper fijn en bak de groenten 6-8 minuten op zacht vuur in de hete olijfolie.
Voeg de garam masala of kerriepoeder toe en bak dit 2 minuten mee op zacht vuur.
Voeg de bouillon en linzen toe en kook de soep 20-25 minuten tot de linzen gaar zijn en uit elkaar vallen.
Breng de soep op smaak met zout en peper en koriander.

Uiringen:
snijd de ui in dunne ringen en blancheer (tegen de kook aan) deze 2 minuten in ruim kokend water met zout.
Laat de uiringen heel goed uitlekken en dep ze droog met een doek.
Doe de rijstebloem in een kommetje en haal de uiringen door de bloem, klop het teveel aan rijstebloem eraf.
Frituur de uiringen goudgeel in hete arachideolie op 170°C.
Leg ze aan tafel in de soep.

Voor 4 personen