Alle artikelen met het onderwerp:

bakken zoet

In Frankrijk koop je tijdens de zomermaanden vruchten zoals nectarines, perziken en abrikozen per plateau; niet per stuk of per kilo, maar gewoon een heel plateau.
En die plateau’s zijn heel voordelig geprijsd, zodat je ze niet kunt weerstaan en allerlei recepten moet bedenken om het fruit op te maken.
Nu geloof ik dat vrijwel elke Française jam maakt, of likeur en siroop, of de vruchten inlegt op alcohol…. ik hoor niet anders om me heen.
Mooie gebruiken en zo kunnen ze ook tijdens de wintermaanden genieten.
Maar ik ga voor de clafoutis met perziken deze keer, een heerlijk dessert waar je royaal van kunt uitdelen.
Zet de clafoutis vooral niet te lang in de oven, het beslag moet nét gestold zijn.
Te lang gebakken clafoutis gaat op ‘stopverf’ lijken, zoals een vriend eens fijntjes opmerkte.

zoet

Perzikenclafoutis

INGREDIENTEN
  • 6 mooie, rijpe perziken
  • 125 gram bloem
  • 80-100 gram poedersuiker
  • het merg uit 0,5 vanillestokjes
    of 1 zakje vanillesuiker
  • 4 grote eieren
  • 2 deciliter volle melk
  • 1,5 deciliter slagroom
  • 1 theelepel geraspte gemberwortel
    of 2 eetlepels fijngesneden stemgember (op siroop ingelegde gember)
  • snufje zout
BEREIDING

Verwijder eventueel het schilletje van de perziken, maar dit is niet perse noodzakelijk.
Soms gaat dat verwijderen gemakkelijk met de punt van een klein mesje.
Zit het velletje stevig vast, dompel de perziken dan 10 seconden in heet water, daarna gaat het verwijderen van het velletje meestal zonder problemen.
Snijd de perziken in partjes van circa 1,5 centimeter dik.
Doe de bloem, poedersuiker en vanillemerg of vanillesuiker in een kom.
Voeg de eieren toe en roer ze door het bloemenmengsel.
Voeg dan de melk en de slagroom in een dun straaltje toe en klop goed tot er een glad beslag ontstaat.
Voeg nu de gemberwortel of de gember op siroop toe als u daar van houdt en een klein snufje zout en schenk het beslag in een ingevette ovenschaal die zo groot is dat de partjes perzik er in één laag in kunnen liggen.
Leg de perziken, een beetje dakpansgewijs in het beslag en bak de clafoutis 25-45 minuten in het midden van een voorverwarmde oven op 175°C tot het beslag nét is gestold.
Serveer hem lauwwarm of op kamertemperatuur en bestrooi hem voor serveren eventueel met een vleugje poedersuiker. 

Voor circa 8 personen

Aardbeitompouces maak je met krokant gebakken bladerdeeg, volle kwark en slagroom en natuurlijk rijpe aardbeien.
Voor het bakken worden de plakjes deeg met een beetje honing bestreken, die honing karameliseert in de oven en dat levert extra krokante deegplakjes op.
Naast aardbeien is ook ander rood zomerfruit erg lekker, kersen of frambozen bijvoorbeeld.
Eenmaal opgebouwd, moeten de tompouces zo snel mogelijk worden gegeten.
Wel kunt u de plakjes deeg vast van te voren bakken en ze na afkoelen in een goed gesloten trommel bewaren.
Ook de roomvulling kan vast bereid worden en tot gebruik in de koelkast worden bewaard.

zoet

Aardbeitompouces

INGREDIENTEN
  • 10 plakjes diepvries-roomboterbladerdeeg, ontdooid
  • 3-4 eetlepels honing
  • 1,5 deciliter slagroom
  • 350 gram volle kwark (40%)
  • 30-60 gram poedersuiker
  • het merg uit 1 vanillestokje
  • 300-400 gram kleine, rijpe aardbeien
BEREIDING

Halveer elk plakje deeg, er zijn nu 20 plakjes van 10 x 5 centimeter, en leg ze op een ingevette de bakplaat.
Prik het deeg met een vork regelmatig in.
Bestrijk het deeg dun met honing en leg eventueel een rooster op de deegplakjes om te voorkomen dat ze tijdens het bakken gaan rijzen.
Bak de deegplakjes in 15-25 minuten goudgeel en krokant in het midden van een voorverwarmde oven op 200°C en laat ze op een rooster afkoelen.
Klop voor de vulling de slagroom stijf en meng deze met de kwark, poedersuiker en vanillemerg. Snijd de aardbeien in plakjes.
Beleg 10 deegplakjes met de helft van de roomvulling en verdeel daarover de aardbeien. Dek ze af met de rest van de vulling en vervolgens met een deegplakje, met de honingkant naar boven.
Strijk de zijkanten van de vulling mooi glad, of laat het lekker slordig.

Voor 10 stuks 

Variatie
U kunt de tompouces ook vullen met banketbakkersroom of met stijfgeklopte slagroom en stukjes fruit.

In mijn diepvries ligt altijd wel een pak roomboterbladerdeeg, ik vind het prettig om zoiets bij de hand te hebben, omdat je hiermee snel een zoet of hartig gerecht kunt maken, zoals Hollandse botervlinders.
Voor deze koekjes wordt het bladerdeeg voor het oprollen dun bestrooid met suiker, tijdens het bakken karameliseert de suiker, zodat er heerlijke krokante koekjes ontstaan.
Het snufje kaneel geeft deze koekjes die echte Hollandse smaak, maar als u nu niet van kaneel houdt, kunt u het gewoon weglaten.
Het is een snel en makkelijk recept, in een handomdraai gemaakt.

zoet

Botervlinders, Hollandse

INGREDIENTEN
  • 4 plakjes diepvries-roomboterbladerdeeg, ontdooid
  • 2 eetlepels gesmolten roomboter
  • 40-50 gram kristalsuiker
  • 0,5-1 theelepel gemalen kaneel
BEREIDING

Leg de plakjes deeg op elkaar en rol ze uit tot een lap van circa 20 x 20 centimeter.
Bestrijk het deeg met de boter en strooi de suiker en kaneel erover.
Rol de twee zijkanten van de deegplak naar het midden, zodat er een vlinder (of hartje) ontstaat.
Laat de deegrol even goed koud worden in de koelkast en snijd hem dan in circa 20 plakjes van 1 centimeter dik.
Leg deze op een met bakpapier beklede bakplaat en bak de koekjes in 15-22 minuten goudgeel en krokant in een voorverwarmde oven op 220°C.
Laat ze op een rooster afkoelen. 

Voor circa 20 stuks

Op verzoek van een trouwe bezoeker volgt hier het recept van meringue, dat brosse, gedroogde eiwitschuim. Dit naar aanleiding van het recept meringue met rood fruit.
Het schuim wordt gedroogd in de oven en hoe lager de oven, hoe witter het schuim blijft.
Negentig graden celcius is een mooie temperatuur, dan heeft een dikke meringue twee en een half uur nodig om te drogen.
U kunt de oven ook iets hoger zetten, honderd tot honderdtwintig graden, maar dan bestaat de kans dat het eiwitschuim iets gaat kleuren. Bovendien is de droogtijd dan ook nog wel een uur of twee.
Met hetzelfde recept kunt u ook kleine meringues maken, bijvoorbeeld kransjes, hiervoor kunt u het eiwitschuim met behulp van een spuitzak op de bakplaat spuiten.
De maïzena kan worden weggelaten, het geeft de meringues wat stevigheid, maar noodzakelijk is het niet.
Belangrijk:
*voor eiwitschuim moeten de kom en garde(s) absoluut vetvrij zijn, maak ze eventueel extra schoon met citroensap.
*er mag geen spoortje eidooier in de eiwitten zitten.

zoet

Meringue, eiwitschuim

INGREDIENTEN
  • 4 eiwitten
  • 130 gram fijne tafelsuiker
  • 130 gram poedersuiker
  • eventueel 1 theelepel maïzena
BEREIDING

Klop de eiwitten in een vetvrije kom goed luchtig, voeg dan de tafelsuiker toe en klop door tot het schuim in stevige pieken blijft staan.
Meng de poedersuiker met de maïzena en zeef dit mengsel.
Spatel het vervolgens door het eiwitschuim.
Spuit of schep grote ovale hopen (of een andere vorm naar wens) schuim op een met bakpapier beklede bakplaat en droog de meringues  circa 2,5 uur in een voorverwarmde oven op 90°C.
Draai de oven dan uit en laat de meringues afkoelen in de gesloten oven.

Voor circa 8 stuks

Broodpudding… in Engeland en Ierland is het een favoriet nagerecht en het is een goede manier om overgebleven brood op te maken.
Het toont misschien een beetje winters, maar de verse rabarber geeft er een lente-tintje aan.
Kies dunne rabarberstelen, als ze dun en licht rood zijn, hoeven ze niet geschild te worden.
De dikkere, wat stuggere stelen kunt u het beste wel even dun schillen.
In de wintermaanden is deze pudding heerlijk met appels of peren.
Dit gerecht wordt gemaakt met witbrood, maar heeft u toevallig croissant over of briochebrood, dan is dat extra lekker.
En… na de kerst kunt u de overgebleven panettone gebruiken.

zoet

Broodpudding met rabarber

INGREDIENTEN
  • circa 1 kilo verse rabarber
  • 225-275 gram fijne tafelsuiker
  • 14 plakjes witbrood, zonder korst
  • 75 gram roomboter
  • 4 deciliter slagroom
  • 3,5 deciliter melk
  • 5 grote eieren
  • het merg uit 1 vanillestokje
BEREIDING

Schil de rabarber eventueel en snijd de stelen in stukjes.
Strooi er 150-200 gram suiker over en laat dit 1 uur intrekken.
Bestrijk de plakjes brood met boter en leg 6 plakjes met de beboterde kant naar onderen in een ovenschaal.
Verdeel de rabarber erover en dek dit af met 8 in vieren gesneden plakjes brood met de beboterde kant naar onderen.
Leg de stukjes brood speels en dakpansgewijs op de rabarber, de rabarber moet helemaal bedekt zijn.
Klop de slagroom, melk, eieren, vanillemerg en 75 gram suiker door elkaar en schenk dit mengsel in de ovenschaal.
Zet de schaal minstens 1 uur (1 nacht mag ook) in de koelkast en bak de broodpudding daarna circa 1 uur ‘au bain-marie’ in een voorverwarmde oven op 180°C.
Zet de ovenschaal daarvoor in een grote braadslede en vul de braadslede tot halverwege de ovenschaal met kokend water.
Serveer de pudding eventueel met wat lobbig geklopte slagroom.

Voor circa 8 personen

Nog geen idee wat u als toetje wilt serveren?
Voor deze last minute vanillesouffleetjes heeft u de ingrediënten misschien wel in huis.
En anders kan de vanille worden vervangen door een snufje gemalen kaneel.
Ik gebruik kleine éénpersoons potjes, maar u kunt ook een grote soufflé maken, verleng de oventijd dan met circa 5 minuten.
Een souffle maken is niet moeilijk als u de volgende regels in acht neemt:
* Garde en kom moeten helemaal vetvrij zijn, wrijf ze bijvoorbeeld in met citroensap, dat werkt ontvettend.
* Kies vormpjes met recht opstaande wanden, deze geleiden de soufflé mooi omhoog.
Bestrijk ze royaal met zachte boter en bestrooi ze met suiker. Draai de vormpjes rond zodat de suiker goed wordt verdeeld.
* Splits eidooier en eiwit voorzichtig, komt er dooier in het eiwit, dan krijgt u het beslist niet stijfgeklopt.
* Klop de eiwitten eerst heel luchtig, voeg dan in gedeelten de suiker toe en blijf doorkloppen tot ze stijf zijn.
* Spatel de eiwitten héél voorzichtig door het soufflémengsel, niet roeren, want dan verliest het eiwit een deel van het rijsvermogen!
* Staat de soufflé in de oven? Laat de ovendeur dan de eerste 20 minuten dicht om inzakken te voorkomen.
* Serveer de soufflé direct uit de oven, voordat hij gaat inzakken!

zoet

Souffleetjes met vanille

INGREDIENTEN
  • 110 gram fijne tafelsuiker
  • 40 gram boter
  • 40 gram bloem
  • het merg uit 1 vanillestokje
  • 3,5 deciliter volle melk
  • 4 grote eieren, dooier en eiwit gesplitst
  • zout
  • 1 theelepel geraspte citroenschil
  • poedersuiker
BEREIDING

Bestrooi 6 ingevette soufflévormpjes van 1,5-2 deciliter inhoud met 25 gram fijne tafelsuiker. Bedek ook de randen goed en schud de suiker daarna zoveel mogelijk uit de vormpjes.
Smelt de boter, voeg de bloem in één keer toe en laat deze 3 minuten zachtjes ‘garen’.
Voeg 40 gram fijne tafelsuiker, het vanillemerg en de melk in gedeelten toe en roer tot er een gladde saus ontstaat.
Laat deze enkele minuten afkoelen en roer er dan de eidooi­ers één voor één door.
Klop de eiwitten stijf met een snufje zout en voeg 45 gram fijne tafelsuiker in gedeelten toe.
Spatel de eiwitten en citroenrasp voorzichtig door het dooiermengsel.
Schep het meng­sel in de vormpjes (vul ze tot drie-vierde) en bak de souffleetjes 25-35 minuten in het midden van een voorverwarmde oven op 180°C.
Bestuif ze uit de oven eventueel dun met poedersuiker en serveer ze direct.

Voor 6 personen