Alle artikelen met het onderwerp:

zonder vis en vlees

Paddenstoelen blijven nog even een geliefd ingrediënt omdat er zoveel keus is.
U kunt verschillende soorten gebruiken, maar ook voor alleen champignons kiezen.
Kunt u geen cannellonipijpjes vinden, gebruik dan lasagnevellen die u heel even kookt, zodat ze zacht en plooibaar worden.
De gevulde vellen rolt u op en vervolgens legt u ze met de naad naar beneden in de ovenschaal.
Het is belangrijk dat de cannelloni door de saus wordt bedekt, zodat het deeg kan garen in de oven.

hoofdgerechten

Cannelloni met paddenstoelen

INGREDIENTEN
  • 400 gram ricotta
  • 150 gram vers geraspte Parmezaanse kaas
  • 2 teentjes knoflook
  • 5 salieblaadjes
  • 3 lente-uitjes
  • 400 gram paddenstoelen (kastanjechampignons, shii-take, cantharellen)
  • 3 eetlepels olijfolie
  • zout, peper
  • circa 16 cannellonipijpjes
  • voor de bechamelsaus:
  • 75 gram boter
  • 50 gram bloem
  • 5 deciliter volle melk
BEREIDING

Roer de ricotta los en meng het met 75 gram Parmezaanse kaas.
Snijd de gepelde teentjes knoflook fijn, evenals de salieblaadjes.
Snijd de lente-uitjes in dunne ringen en de grote paddenstoelen in stukken.
Verhit de olie en bak hierin de knoflook en de salie 1 minuut.
Voeg de lente-ui en paddenstoelen toe en roerbak circa 8 minuten op middelhoog vuur tot de paddenstoelen het vrijgekomen vocht weer hebben opgenomen.
Laat de paddenstoelen een beetje afkoelen en roer dan het ricottamengsel erdoor.
Breng op smaak met zout en peper en vul de cannellonipijpjes met dit mengsel, dit gaat gemakkelijk met een spuitzak met grote spuitmond.
Leg de cannelloni naast elkaar in een ingevette ovenschaal
Laat voor de bechamelsaus de boter smelten en roer de bloem erdoor, verwarm de bloem al roerende circa 1 minuut om hem te laten ‘garen’ en voeg dan beetje bij beetje de melk toe, blijf flink roeren tot er een gladde saus ontstaat.
Laat de saus 1 minuut zachtjes koken en breng hem op smaak met zout en peper.
Schenk de saus over de cannelloni en strooi er nog 75 gram Parmezaanse kaas over.
Bak de cannelloni circa 30 minuten in het midden van een voorverwarmde oven op 180ºC tot de bovenkant gegratineerd is.

Voor 4-6 personen

Eerder deze week schreef ik over de Franse ‘ziekte’ van dit moment, de paddenstoelenkoorts en daarom nog een heerlijk gerecht waarin verse ‘wilde’ paddenstoelen worden gebruikt; risotto.
Om het gerecht extra smaak te geven is het handig om wat gedroogde cèpes of porcini, met beide wordt eekhoorntjesbrood bedoeld, te gebruiken.
Week de gedroogde exemplaren circa 30 minuten in lauwwarm water en snijd ze daarna heel fijn.
Zeef het weekwater, er kan soms wat zand achterblijven, en gebruik dit vocht in de risotto, dat geeft enorm veel smaak.
Italianen eten risotto als voorgerecht, net zoals pasta, maar het kan natuurlijk ook als hoofdgerecht worden gegeten.
En zelfs als 
bijgerecht.

hoofdgerechten

Risotto met paddenstoelen

INGREDIENTEN
  • 10 gram gedroogd eekhoorntjesbrood (cèpes of porcini)
  • 200-250 gram verse paddenstoelen (boleten, cantharellen, pied de mouton, shiitake)
  • 75 gram roomboter
  • 1 sjalotje
  • zout, peper
  • 1 eetlepel olijfolie
  • 0,5 theelepel fijngesneden salieblaadjes
  • 200 gram risottorijst (arboriorijst, carnaroli of vialone nano)
  • 1 deciliter droge witte wijn
  • circa 1 liter kokende groentebouillon
  • 40 gram geraspte Parmezaanse kaas
BEREIDING

Week de gedroogde paddenstoelen 30 minuten in 2-3 deciliter lauwwarm water.
Neem ze daarna uit het weekvocht, dep ze droog en snijd ze heel fijn.
Zeef het weekvocht door een doek en bewaar dit.
Borstel de verse paddenstoelen schoon en snijd ze in stukken.
Bak ze 5-6 minuten op hoog vuur in 25 gram boter en zet ze apart.
Snijd de gepelde sjalot fijn en bak de sjalot samen met de fijngesneden geweekte paddenstoelen en wat zout en peper 5-6 minuten op middelhoog vuur in een mengsel van 25 gram boter en de olie in een wijde pan met dikke bodem.
Voeg de salie toe en roer de rijst erdoor tot alle korrels glanzen.
Schenk de wijn erbij en laat deze onder roeren verdampen.
Voeg dan het weekvocht van de paddenstoelen toe en laat ook deze verdampen.
Schep daarna in gedeelten de hete bouillon in de pan en blijf regelmatig roeren tot al het vocht is verdampt.
Voeg pas weer nieuwe bouillon toe als het vorige is verdampt.
Herhaal deze handelingen tot alle, of in elk geval een groot deel, bouillon is opgebruikt (houd 2 eetlepels bouillon achter) en de risotto gaar is.
De korrel heeft dan nog wel een ‘beet’.
De gaartijd van de rijst ligt ongeveer tussen de 18 en 22 minuten. 
Voeg 5 minuten voordat de risotto gaar is de gebakken paddenstoelen toe.  
Neem de pan van het vuur voordat de risotto te droog wordt (het moet een smeuïg mengsel zijn).
Breng hem op smaak met zout, peper, 2 eetlepels bouillon, 25 gram boter en de geraspte kaas. 
Laat de risotto afgedekt nog circa 5 minuten staan. 

Voor 4 personen

Het is een genot om in dit jaargetijde bij de groenteman te kijken omdat er zo’n overvloed aan groenten te koop is.
Dit is een bijzonder seizoen; de laatste zomergroenten zijn er nog volop, maar ook al de eerste najaars- en wintervariëteiten zoals knolselderij, pastinaak en witte kool.
En niet te vergeten die fraaie verse bietjes die ongelooflijk lekker zijn in deze soep.
Kies hiervoor kleine malse bietjes, die vind ik het lekkerst en bovendien zijn ze sneller gaar.
Eventueel kunt u ook gekookte bietjes gebruiken, dan hoeft de soep maar circa 15 minuten te koken.
En komt er nog een heel warme dag…. de soep is koud ook erg lekker.

voorgerechten

Bietjessoep

INGREDIENTEN
  • 3 sjalotjes
  • 1 wortel
  • 1 kleine prei
  • 8 kleine bietjes
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 8 deciliter groentenbouillon
  • 1 eetlepel fijngesneden dille
  • zout, peper
  • 4 eetlepels zure room
BEREIDING

Snijd de gepelde sjalotjes fijn, evenals de wortel en de prei.
Schil de bietjes en snijd ze in stukken.
Verhit de olie in een braadpan en bak hierin de sjalotjes, wortel en prei 4-6 minuten op zacht vuur.
Voeg de bietjes toe, schep alles even om en schenk dan de bouillon erbij.
Kook de soep 25-30 minuten tot de bieten zacht zijn.
Pureer de soep en breng hem op smaak met dille, zout en peper.
Serveer de soep warm of koud en schep voor serveren een lepeltje zure room in de soep.

Voor 4 personen

Het gonst in Frankrijk en met name op het platteland!
De fikse regenbuien in het afgelopen weekend gevolgd door drie dagen zon zorgen ervoor dat de paddenstoelen, inderdaad…. als paddenstoelen uit de grond schieten.
En dus gaat elke liefhebber op pad met mand en mesje en ook vaak nog met een borsteltje om deze lekkernij te zoeken.
Dat zelf zoeken is een riskante bezigheid, maar veel Fransen zijn er mee opgegroeid en herkennen feilloos de eetbare exemplaren.
En in het uiterste geval gaan ze met hun gevulde mandje naar de pharmacie, de meeste apothekers zijn ook goed op de hoogte.
Beetje bij beetje komen nu de cèpes, eekhoorntjesbrood, naar boven en lekkerder is er bijna niet. Ze hebben weinig nodig, gewoon even bakken in olijfolie of roomboter met alleen wat zout en peper en een snufje tijm.
Het is een kostbare paddenstoel, kies ze daarom zorgvuldig uit als u ze koopt.
Ze moeten stevig en ‘zwaar’ aanvoelen, lichte exemplaren zijn vaak voos of rot van binnen.
Kies zo ook niet te groot, een mooie middelmaat is het beste.
Natuurlijk kunt u ook andere paddenstoelen op deze manier bereiden.

hoofdgerechten

Eekhoorntjesbrood, gebakken

INGREDIENTEN
  • 200-300 gram vers eekhoorntjesbrood (of andere paddenstoelen)
  • 2 eetlepels olijfolie of roomboter
  • snufje verse tijmblaadjes
  • zout, peper
BEREIDING

Borstel de paddenstoelen goed schoon en verwijder het zanderige deel van de stengel met een scherp mesje.
Schil de onderkant van de steel eventueel heel dun.
Snijd de paddenstoelen in stukjes.
Verhit de olie of de boter en bak de paddenstoelen samen met de tijm al omscheppend 4-5 minuten tot ze beetgaar zijn, ze mogen niet te slap worden.
Breng op smaak met zout en peper en serveer ze bijvoorbeeld met een romige aardappelpuree die op smaak is gebracht met fijngesneden bieslook.

Voor 2-4 personen

De Fransen zijn dol op salie en dichten het kruid veel goede eigenschappen toe.
Ze hebben zelfs een gezegde: “Qui a en a dans son jardin, n’a pas besoin de médicin” (wie het in zijn tuin heeft staan, heeft geen dokter nodig).
En het moet gezegd worden, in veel Franse tuinen staat dit geurige kruid.
Zelfs als iemand slechts enkele potjes kruiden in zijn vensterbank kwijt kan, is salie een van de uitverkorenen.
Salie kan goed tegen kou, alleen bij strenge vorst wil het kruid graag beschermd worden.
Het loont de moeite om nu nog een plant aan te schaffen, ook in een pot doet de plant het goed en u kunt de blaadjes vrijwel de hele winter plukken.

bijgerechten

Aardappelen met salie

INGREDIENTEN
  • 8-12 kleine, langwerpige aardappelen (rattes zijn heel geschikt)
  • 5-6 eetlepels olijfolie
  • 32-48 salieblaadjes
  • zeezout, vers gemalen peper
  • circa 1 deciliter groentebouillon
BEREIDING

Schil de aardappelen, laat ze niet in het water liggen, maar spoel ze snel onder de koude kraan en wrijf ze droog.
Maak in elke aardappel circa 4 insnijdingen, maar snijd ze niet helemaal door.
Rol de aardappelen door de olijfolie en stop in elke inkeping een salieblaadje.
Leg de aardappelen naast elkaar in een ovenschaal, bestrooi ze met wat zout en peper en druppel er nog wat olijfolie over.
Schenk de groentebouillon naast de aardappelen in de schaal en bak ze 30-40 minuten in het midden van een voorverwarmde oven op 200°C tot ze gaar zijn.
Dek de schaal na 20-25 minuten af met aluminiumfolie als de aardappelen te donker worden.
Dit is heerlijk bij gebakken of gebraden vlees of kip. 

Voor 4 personen

Het mooie weekend nodigde uit tot het roosteren van lekkere sateetjes.
Deze keer van varkensvlees en omdat er iemand aan tafel zat die niet van pindasaus houdt, maakte ik er een ketjapsaus bij, dat was een groot succes.
De saté van varkensvlees maak je op dezelfde manier als kipsaté, met dezelfde marinade.
Dat recept gaf ik al eens en daarbij vindt u ook het recept voor pindasaus.
Ik heb gekozen voor ketjap manis, de zoete, én ketjap asin, de zoutere.
Vaak wordt in ketjapsaus alleen de zoete variant gebruikt, maar ik vind het lekkerder samen met ketjap asin.
Maar prefereert u een zoetere saus, gebruik dan alleen ketjap manis.

bijgerechten

Ketjapsaus

INGREDIENTEN
  • 3 sjalotjes
  • 1 flinke teen knoflook
  • 1-2 rode pepers of
    1-3 theelepels sambal oelek
  • 2 eetlepels zonnebloemolie
  • 1-2 theelepels geraspte gemberwortel
  • 6 eetlepels ketjap manis
  • 4 eetlepels ketjap asin
  • 2-4 theelepels citroensap
  • zout
BEREIDING

Snijd de gepelde sjalotjes heel fijn, snijd ook de gepelde knoflook heel fijn en doe hetzelfde met de rode pepers.
Verwijder eventueel een deel van de rode peperzaadjes als u de saus iets milder wilt.
Verhit de olie en bak hierin de sjalotjes, knoflook en rode peper 4-5 minuten.
Voeg de gemberwortel toe, schep alles even om en schep het mengsel daarna in een kom.
Voeg beide ketjaps toe en breng de saus op smaak met citroensap en zout.
Serveer hem op kamertemperatuur. 

Voor 1,5-2 deciliter