Deze week heb ik heel intensief Indonesisch gekookt voor Franse vrienden.
Van een aantal gerechten gaf ik al eerder het recept, zoals babi ketjap, rendang en kare ajam.
Nieuwkomer was het gerecht met gebakken garnalen in kokossaus; sambal goreng oedang en dit was, evenals de andere gerechten een succes.
Het vergt, zoals bij vrijwel alle Indonesische gerechten het geval is, wel wat voorbereiding. 
Het lekkerste wordt het gerecht als u het mengsel van sjalot, knoflook, rode peper, gember, geelwortel, kemirienoten en trassi fijnwrijft in een vijzel, dan komen de meeste smaken vrij.
Dat fijnwrijven is een zeer tijdrovend werk, een keukenmachine kan hulp bieden, maar die slaat de ingrediënten fijn en dat is met name voor de sjalotjes geen goede manier.
Deze keer heb ik dat fijnwrijven achterwege gelaten en alle ingrediënten zéér fijngesneden of geraspt; sjalot en rode peper werden fijngesneden, voor de knoflook gebruikte ik zo’n aardewerken Provençaals raspje en de gember en geelwortel kregen er van langs met de fijne microplanerasp (deze fantastische raspen zijn er in meerdere variaties).
Dus bleven er alleen nog de kemirienoten en trassi over om fijn te wrijven en dat was een fluitje van een cent. Het resultaat was verrukkelijk.
Verse geelwortel is te koop bij de toko. 

hoofdgerechten

Garnalen in kokossaus; sambal goreng oedang

INGREDIENTEN
  • 500 gram grote, rauwe garnalen
  • 5 sjalotjes
  • 3-4 rode pepers
  • 2 teentjes knoflook
  • 4 centimeter gemberwortel
  • 4 centimeter verse geelwortel (koenjit)
  • 4 kemirienoten
  • 1 theelepel trassi
  • 1 stengel citroengras (sereh)
  • 2-3 eetlepels arachideolie
  • 2 salamblaadjes
  • 1-3 eetlepels limoensap
  • 1,5-2 deciliter kokosmelk
  • zout
BEREIDING

Pel de garnalen en verwijder de zwarte darm aan de rugzijde.
Snijd de sjalotjes en rode pepers heel fijn, verwijder eventueel (een deel van) de rode peperzaadjes als u het gerecht niet té pikant wilt.
Snijd of rasp de knoflook heel fijn. Rasp de gember- en geelwortel op een fijne rasp.
Wrijf de kemirienoten met de trassi fijn in een vijzel.
Verwijder de buitenste bladeren van de stengel citroengras en knip een stukje van de bovenkant, kneus de stengel flink door er met de achterkant van een mes op te slaan en leg er een  knoop in.
Verhit de olie en bak hierin de sjalotjes circa 6 minuten.
Voeg de rode peper, knoflook, gember en geelwortel toe en bak alles nog 4 minuten.
Roer er dan de kemirienoten en trassipasta door en roerbak 3 minuten.
Voeg citroengras, salamblaadjes en limoensap toe, direct gevolgd door de garnalen.
Roerbak de garnalen circa 5 minuten, schenk dan de kokosmelk erbij en verwarm alles nog circa 3 minuten tot de garnalen gaar zijn en roze kleuren.
Breng op smaak met zout en eventueel citroensap.

Voor 4-6 personen

Geef een reactie