Vandaag wordt in Nederland het mosselseizoen geopend en zijn de nieuwe oogst mosselen van Zeeuwse bodem weer verkrijgbaar. Tijd dus voor Moules à la Marnière; mosselen op de manier zoals de vissersvrouw ze bereidt. Bij deze klassieke bereiding proef je de mosselen goed, de smaak blijft puur en wordt niet beïnvloed door teveel andere smaakmakers.
Reken 1 kilo mosselen per persoon als hoofdgerecht en kook niet meer dan 2 kilo tegelijk in één pan. Heb je meer mosselen nodig, neem dan een tweede pan of kook later nog een portie.
Tegenwoordig worden mosselen schoon en verpakt verkocht, klaar voor gebruik. Maar ik vind het prettig om elke mossel even door mijn handen te laten gaan en doe dat onder de stromende koude kraan. Zo kan ik voelen of de schelp niet stuk is en tevens controleren of schelpen die open staan wel sluiten. Ik geef daarvoor de open schelp een stevige tik met een mes, als de schelp sluit mag hij in de pan, doet hij dat niet, dan mag hij niet meedoen. Kapotte schelpen doen ook niet mee.
Moules à la Marinière eet ik het liefst met goede frites en een Gueuze bier.
hoofdgerechten
Mosselen; Moules à la Marinière
- 3 sjalotten
- 3 takjes platte peterselie
- eventueel 2 takjes tijm
- 20 gram boter
- 1,5 deciliter droge witte wijn
- 2 kilo mosselen
- versgemalen peper
Snijd de sjalotjes en de peterselie (inclusief de stelen) fijn en bak deze ingrediënten samen met de tijm 4-5 minuten in de boter, zonder ze te laten kleuren.
Schenk de wijn erbij en doe ook de schoongemaakt mosselen en een snufje peper in de pan. Kook de mosselen met het deksel op de pan 3-5 minuten tot alle schelpen open zijn. Schud de pan tijdens het koken 3 keer goed om, zodat alle mosselen de kans krijgen om open te gaan.
Mosselen die na het koken dicht blijven kun je beter verwijderen. Serveer de mosselen met het kookvocht.
Voor 2 personen