Gebakken witlof is een heerlijk gerecht dat zowel bij vlees als bij vis past.
De gehalveerde struikjes worden zachtjes gaar gebakken in een klontje boter of een scheutje olijfolie en regelmatig gekeerd.
Wat zout en peper als smaakmaker is voldoende, maar de liefhebbers van een tikkeltje zoet kunnen nog een half theelepeltje honing of suiker toevoegen.
Kleine struikjes witlof zijn makkelijker te bakken dan de groter exemplaren, ze zijn handelbaarder in de pan en ook sneller gaar natuurlijk.  
Het harde stukje aan de onderkant van de struikjes kan blijven zitten, u zult proeven dat zelfs dit deel na het bakken ook heel lekker is.
En anders kan ieder het er aan tafel nog uitsnijden.
Al met al neemt het ongeveer twintig minuten in beslag.